duchâtelet op vrijdag

Tax shift

Bruno Tobback stelt in zijn 1-mei-toespraak dat hij tegen een tax shift naar BTW is omdat dan de prijs verhoogt, “waardoor opnieuw dezelfde mensen moeten betalen”.

Roland Duchâtelet

Nemen we brood als voorbeeld dat voor 2,10 euro wordt verkocht. De grondstoffen en de energie kosten 58 cent, het netto loon van de bakkersgast plus die van de winkeljuffrouw 60 cent, de belasting op arbeid van die werknemers 80 cent en de BTW is 12 cent, samen 58+60+80+12=2,10 euro. In dit voorbeeld is er geen winst over. Een taks shift betekent een “verschuiving” van een belasting. De belasting op arbeid vermindert en de BTW verhoogt met hetzelfde bedrag. Stel dat de belasting op tewerkstelling vermindert van 80 cent naar 42 cent en de BTW stijgt van 12 naar 50 cent, dan blijft de prijs van het brood 58+60+42+50= 2,10 euro.

De vraag is dus: zou Bruno Tobback, die toch universitaire studies heeft gedaan en zich zou moeten verdiept hebben in de betekenis van belastingverschuiving dat écht niet beseffen?

Voor allerlei diensten, die vandaag het hoofdaandeel uitmaken van wat we kopen, geldt hetzelfde: als belasting op de mensen die deze diensten leveren lager wordt, dan wordt de kostprijs exclusief BTW lager en kan de BTW verhoogd worden zonder dat de prijs stijgt.

Een klein deel van onze uitgaven wordt nog besteed aan industriële producten zoals haardrogers of meubels. Voor zover die in het buitenland gemaakt worden, stijgt de prijs daarvan als de BTW verhoogt, tenzij Belgische bedrijven die producten ook maken. Auto’s bijvoorbeeld. 20 jaar geleden produceerde België véél meer auto’s dan er bij ons verkocht werden omdat we goede zeehavens hebben en een dicht net van kanalen, wegen en spoorwegen. Door dit enorme logistiek voordeel produceerden Renault in Vilvoorde, Opel in Antwepen, Volkwagen in Vorst, Ford in Genk en Volvo in Gent. Indien men toen het voorstel van Vivant had gevolgd om de belasting op tewerkstelling drastisch te verminderen en te vervangen door een sterk verhoogde BTW, dan stonden die fabrieken hier nog steeds. Probeer maar eens met een vrachtwagen auto-onderdelen in Slovakije te geraken.

Professor Schoors van de Universiteit Gent noemt zulk een verschuiving van belastingen een “fiscale devaluatie” omdat daardoor de producten die hier gemaakt worden in het buitenland beter kunnen concurreren, ook al blijft bij ons de prijs gelijk. Bij export is de kostprijs exclusief BTW van belang. Angela Merkel voerde deze verschuiving door in 2005. Duitsland werd er beter van. Sarkozy wou het in Frankrijk doen om te voorkomen dat er nog meer bedrijven naar het buitenland zouden verhuizen, maar Hollande won de kiesstrijd.

Het is door de foute redenering zoals die van Tobback dat er geen auto’s van Renault, Volkswagen, Opel en Ford meer in ons land worden gemaakt.

Roland Duchâtelet, ondernemer