Na de woorden de daden

Print
Na de woorden de daden

Foto: HBvL

Volgens de VRIND-indicatoren 2014, de Vlaamse regionale indicatoren, heeft amper 25,2 procent van de Vlamingen veel tot zeer veel vertrouwen in Justitie. Volgens de justitiebarometer 2014 van de Hoge Raad voor de Justitie heeft 61 procent van de Belgen veel tot zeer veel vertrouwen in Justitie. Wie heeft er gelijk? We gaan het u niet zeggen. Wat we wel weten, is dat er veel problemen zijn bij Justitie. We denken dan o.a. aan de gerechtelijke achterstand, de procedurefouten en de overvolle gevangenissen.

Minister van Justitie Koen Geens wil daar nu iets aan doen met zijn Justitieplan. Vooral zijn voorstellen om te komen tot minder gevangenen vallen op. Zo denkt de minister aan meer alternatieve straffen, een drastische beperking van de voorhechtenis, een herziening van de wet Lejeune en – u leest het goed - het afschaffen van gevangenisstraffen van minder dan een jaar.

Dat is iets waarin we ons volledig in terugvinden. We hebben altijd gedacht dat een gevangenis bedoeld is om mensen op te sluiten die gevaarlijk zijn voor andere mensen. Fout gedacht. Zo zitten er in onze gevangenissen zo’n 2.000 illegale migranten, veelal om slechts kleine misdrijven, omdat men ze niet naar hun thuisland kan sturen en men geen andere oplossing voor hen heeft. En witteboordcriminelen worden - althans dat denken wij toch - meer gestraft door hun geld af te pakken dan door ze op te sluiten. Minder gevangenen betekent ook meer tijd om ze te begeleiden voor hun terugkeer in de maatschappij. Winst voor hen, winst voor ons.

Koen Geens zal pas in zijn opdracht zijn geslaagd wanneer hij ook een oplossing heeft voor het probleem van de procedurefouten. Dat zorgt voor onbegrip en nog meer ergernis. Zeer zeker, procedures moeten gevolgd worden en onderzoeksdaden gemotiveerd. Maar het kan niet zijn dat één kleine menselijke fout van een onderzoeksrechter tot gevolg heeft dat de criminelen vrijuit gaan terwijl de oorlogswapens, de pakken cash geld en de bergen cocaïne op de bewijstafel liggen.

In de voorbereiding van zijn Justitieplan had minister Koen Geens, zelf een gerenommeerd jurist, talrijke gesprekken met, zeg maar, het werkveld. Hun vertrouwen heeft hij al. Nu moet hij ook nog de regering en de Kamer overtuigen. In een regering waarin over alles en nog wat wordt gediscussieerd, weet men het nooit. We kunnen alleen maar hopen dat het deze keer niet zo is. Het Justitieplan moet snel omgezet worden in wetten en maatregelen om te komen tot een meer efficiënte, rechtvaardige en op termijn ook goedkopere justitie. Daar wordt iedereen beter van.