© Shutterstock

Steeds meer Vlamingen kiezen voor huisonderwijs

Het aantal leerlingen dat huisonderwijs volgt, neemt geleidelijk toe. In het schooljaar 2010-2011 ging het om 921 leerlingen, in het schooljaar 2012-2013 om 1.065 leerlingen. In het schooljaar 2013-2014 verdubbelde dat aantal nog eens naar 2.287, maar die sterke stijging heeft vooral te maken met de verplichte inschrijving vanuit privéscholen. Dat blijkt uit een antwoord van minister van Onderwijs Hilde Crevits op een vraag van Open Vld-parlementslid Bart Somers.

Ouders die kiezen voor huisonderwijs, moeten daarvoor bij het begin van het schooljaar een verklaring indienen bij het Agentschap voor Onderwijsdiensten (Agodi). Het onderwijs moet wel aan een aantal criteria voldoen. Zo moet het onderwijs bijvoorbeeld “gericht zijn op de ontplooiing van de volledige persoonlijkheid en de talenten van het kind” en moet het geleverde onderwijs “het respect voor de grondrechten van de mens bevorderen”.

Uit de cijfers van de voorbije schooljaren blijkt dat het aantal leerlingen in het huisonderwijs geleidelijk toeneemt. In 2013-2014 is er wel een plotse verdubbeling van 1.065 naar 2.287 leerlingen, maar die grote stijging komt omdat de leerlingen uit verschillende privéscholen sindsdien verplicht zijn zich in te schrijven in het huisonderwijs. Vooral in Antwerpen zorgt dat voor een piek in de cijfers. Zo waren er in 2012-2013 slechts 110 leerlingen in het huisonderwijs en in 2013-2014 plots 1.270 (met name door het aantal leerlingen in de joodse privéscholen).

Voor het lopende schooljaar 2014-2015 zijn de cijfers nog niet definitief. Voorlopig (de vraag van Somers is van eind oktober, het antwoord van minister Crevits van 24 december 2014, red.) heeft de administratie nog maar 825 verklaringen van huisonderwijs ontvangen. “Er zijn nog bijna geen verklaringen van leerlingen uit privéscholen ontvangen”, staat te lezen in het antwoord van minister Crevits. “Agodi volgt dit op en evalueert”, luidt het.

Uit de cijfers blijkt nog dat er in het schooljaar 2013-2014 120 leerlingen in het huisonderwijs zijn gecontroleerd, van wie 40 leerlingen in het basisonderwijs en 80 in het secundair onderwijs. Dat leverde in totaal 68 positieve adviezen op en 25 negatieve adviezen. In 27 gevallen kon er geen advies worden afgeleverd. Het ging dan om situaties waarbij een controle onmogelijk was, de mensen verhuisd waren of de leerling in kwestie intussen was ingeschreven in een school. Bij een negatieve controle volgt er in hetzelfde schooljaar een tweede controle. Is ook dat tweede advies negatief, dan moet de leerling zich in een school inschrijven.