Graffiti op zaterdag

De juiste noot

Print
De juiste noot

Foto: FB

Aflevering 1288 - “Is dat nu het ‘laat me buiten’, of het ‘ik heb honger’ geblaf?” vroeg ik aan m’n vrouw. Ik was net wakker, en mijn oren konden het verschil nog niet goed horen. Daarna herhaalde onze hond haar ‘blaf-zin’ op precies dezelfde manier, opnieuw en opnieuw. De zin luidde als volgt: “Woef, woefwoefwoef”, en na een korte pauze nog een ‘woef’, maar die laatste wel een halve toon hoger.

* * *

Het woord ‘regendruppel’ volstaat niet om samen te vatten wat het beetje water dat aan een wolk ontsnapt allemaal kan betekenen.
Aan het begin van m’n wandeling begon het te regenen - de plompe, geconcentreerde neerslagbommetjes die op m’n hoed en jas vielen klonken als pwetz en pwotz. Een half uur later viel er een dunnere regen, fijne druppels die sfiet-, en psiet-geluiden maakten.
De verschillende klanken brachten me dichter bij de ware aard van de regendruppel.

* * *

Het was de oudste van de twee honden die bleef blaffen. Ze doet dat steeds vaker sinds ze haar hoge leeftijd bereikt heeft.
Als je dan probeert te begrijpen wat er aan de hand is, kijkt ze jou aan met haar grote lieve ogen, en houdt op met blaffen. Ze wil niet naar buiten en verlangt ook niet naar eten.
Misschien betekent haar geblaf gewoon: ‘Ik voel me een beetje alleen, wil je even bij me blijven? Een knuffeltje zou ook fijn zijn.’

* * *

Terwijl het regende kon ik nog andere dingen horen dan de regendruppels. Maar de vogels hielden zich opvallend stil - geen piep. Het oor hoort ook wat het niet hoort.

* * *

Mijn pianolerares Mieke bezit een bijzondere gave, ze heeft ‘absoluut gehoor’. Van elke klank - door eender welk instrument - kan ze de toonhoogte herkennen. Knap vervelend voor mij als leerling, want er is nog nooit een valse noot aan haar oren ontsnapt.
Haar talent heeft ook een schaduwkant. Iemand met absoluut gehoor hoort de naam van de klank - als bijvoorbeeld een ‘sol’ op de piano gespeeld wordt, hoort zij letterlijk het woord ‘sol’. De klank wordt voor haar dadelijk in woordvorm gegoten. Zo glipt de ‘oer-ervaring’ van het geluid haar uit de handen.

* * *

Ik wil me verbonden voelen in mijn tong, op die plek waar klank en betekenis samensmelten zonder nadenken. Ik wil me daar meer levend voelen dan waar dan ook.
W.A. Mathieu, ‘The Musical Life, reflections
on what it is and how to live it’ (1994), p.45

* * *

Mijn ouders vertelden altijd met grote trots dat ze ons de correcte woorden bijbrachten toen we klein waren. Wij leerden ‘trein’ en niet ‘tsjoeke tsjoeke’, ‘hond’ en niet ‘woef woef’. Zij legden ons uit dat we daarmee op school een stapje verder stonden in het leerproces, omdat we later geen tweede, ‘volwassen woord’ moesten leren om naar een trein of een hond te verwijzen.
Mijn vrouw en ik hebben onze kinderen op dezelfde manier opgevoed. Maar als ik nu leer hoe kostbaar de ervaring is wanneer klank en betekenis samensmelten, vraag ik me af of we het wel goed aangepakt hebben. Komt daar nog bij hoe plezierig het is om woorden die het Groene Boekje niet wil kennen, uit je mond te laten komen.

* * *

Het hield op met regenen. Het neerslaggordijn dat als stoorzender had gewerkt, was weggetrokken. De geluiden van ver weg konden me nu ook bereiken - een reiger die opvloog en krowaoaak riep en herhaalde. Hij klonk boos. In de verte het tietaatietaa van de sirene van een ambulance, tot diep in het bos hoorbaar. Het laaggestemde, langzaam aanzwellende en vervolgens uitstervende wrooooaaaaah van een hoog overvliegend lijnvliegtuig.

* * *

Het meest ontroerende dat ik dit jaar gehoord heb, was het Israëlisch-Palestijns jeugdkoor dat enkele weken geleden kerstliederen bracht. Islam, jodendom en christendom wonderlijk verenigd. Een koor met de zonen en dochters van ouders die met elkaar oorlog voeren.
In het begin klonken enkele valse noten. De koorleider liet zich niet van de wijs brengen, dirigeerde geïnspireerd verder. Daarna viel alles op z’n plaats - een samensmelten in klankschoonheid.
In dat moment verdampte het verleden - intifada, bezetting, kruistochten - en vergat iedereen de zorgen over de toekomst. Er bestond vrede, in het hier en nu.

* * *

Toen ik achteraf de klanken die ik op m’n wandeling gehoord had, op papier probeerde vast te leggen, besefte ik hoe moeilijk dit was. Ik schreef wrooooaaaaah voor het overvliegende lijnvliegtuig, maar als ik het nu lees, lijkt het daar niet echt op.
Ik zou morgen nog eens moeten gaan luisteren, of er gewoon op vertrouwen dat u die klank ook kent en mijn hulp niet nodig heeft om te weten hoe het klonk. Dan kan ik gewoon schrijven: ‘het geluid van een lijnvliegtuig’.

* * *

The Brain is just the weight of God -
For - Heft them - Pound for Pound -
And they will differ - if they do -
As Syllable from Sound.

[Het Brein weegt evenveel als God -
Want - til ze op - Pond voor Pond -
Dan verschillen ze - indien dat zo is -
Als Lettergreep van Klank -]
Emily Dickinson (1830-1886), CXXVI

* * *

Ik kwam thuis, mijn oren stonden nog scherp na mijn ‘klankwandeling’. Zelfs het losmaken van m’n veters bracht een subtiele klank voort die ik herkende maar nooit eerder echt had gehoord.
Toen ik mijn wandelschoenen van me wegschoof naar de kast, hoorde ik een zacht sguuuuh. Toen ik mijn winterjas ophing, klonk een wollige geeuw - whum. Even later pikte mijn oor de klank op van het vettige glijden van het puntje van mijn balpuntpen op de achterkant van een envelop.
Ik noteerde de gehoorde dingen van m’n wandeling. Daarna dwong ik mezelf om stil te zitten, verroerde geen vin. In mijn kamer klonk nu niets meer behalve het ademgeluid tussen neus, keel en longen. Hier was ik tot mijn binnenste binnenkant teruggebracht, het hier & het nu, waar klank en betekenis versmelten.

Gelukkig kerst en tot ziens.

Uw trouwe dienaar, FB