© Frank Abbeloos

Verder in de boekskes

Veel nieuwtjes zijn er niet te rapen in de boekskes van deze week. Toch komen zowel Story als Dag Allemaal met leuke weetjes op de proppen. Dat Jani Kazaltzis geen keukenprins is bijvoorbeeld, of dat ‘Stadion’-presentator Maarten Breckx een stalkster heeft!

kidr

Het tiende seizoen van Boer zkt Vrouw zit erop. We zagen nog hoe een verliefde Geoffrey ‘zijn boerin’ Nathalie ten huwelijk vroeg en hoe ook boer Luc gelukkig was, maar meer koppels waren er niet. Ellen blikt in Dag Allemaal terug op haar momenten met boer Peter-Jan. ‘Ik heb veel gehuild en het is moeilijk geweest om zijn afwijzing te verwerken. Ik koesterde echt de hoop dat er een toekomst voor ons was, maar hij voelde geen klik. Ja waarom vindt iemand het grijze poesje mooier dan het rosse katje’?, vat Ellen het samen.

Stylist Jani Kazaltzis is niet meteen een keukenprins. Toen hij vorige week aan het koken was sneed hij per ongeluk een stukje van zijn wijsvinger, zeker een halve centimeter lang. ‘Het enige wat ik jammer vond, was dat dat stukje vinger in de pan was gevallen. Gebakken vinger is volgens mij niet echt lekker’, lacht Jani om zijn ongeluk in Story.

‘Stadion’-presentator Maarten Breckx zit met een probleempje. Een hardnekkige, verliefde fan stuurt hem steeds hetzelfde berichtje. ‘Hoe kan het dat een mooie jongen als jij alleen is.’ Dat wil Maarten toch even rechtzetten in Dag Allemaal. ‘Ik héb al een vriendin en het zit heel goed tussen ons!’

In het Gentse Kuipke staat de Zesdaagse op het menu, met onder meer Iljo Keisse en Mark Cavendish. Keizer van ’t Kuipke geeft daarom een groot interview aan HUMO. Hij blikt onder meer terug op een moeilijke periode, toen hij op korte tijd veel van zijn kameraden verloor. Dimitri De Fauw, Wouter Weylandt, Frederiek Nolf en Frank Vandenbroucke: allemaal veel te vroeg gestorven en stuk voor stuk bevriend met Iljo. Zijn vader vraagt zich nog steeds af hoe hij dat allemaal verwerkt heeft. Iljo zelf verwoordt het zo: ‘Ik lag knock-out op de vloer en dan hebben ze me nog enkele stevige kloppen bijgegeven.’