Ford Genk

Ford-arbeiders maandag voor Duitse rechter

Print
Genk -

Volgende maandag start het proces tegen een aantal Genkse Ford-arbeiders die twee jaar geleden in Duitsland vernielingen hadden aangericht bij een protestactie in de gebouwen van Ford Keulen. Tijdens de zitting zullen de beklaagden, die verdacht worden van ordeverstoring, steun krijgen van hun Genkse collega’s, die per bus naar Keulen zullen trekken. Dat meldt de christelijke vakbond donderdag.

Vol woede over de aangekondigde sluiting van Ford Genk, trok een delegatie in november 2012 naar Ford Keulen om meer uitleg te vragen aan de Europese directie van de autobouwer. Aanvankelijk kon de groep zonder veel weerstand de gebouwen in Keulen betreden. Daarbij sneuvelden enkele ruiten en werd er veel lawaai gemaakt: “Naar Belgische normen was dit een actie zoals vele andere”, stelt vakbond ACV-CSC Metea.

In Duitsland dacht men daar echter anders over, en bij de terugkeer naar de bussen werden de Genkse arbeiders opgewacht door een grote politiemacht. Die verplichtte iedere aanwezige om zich te identificeren. Een aantal demonstranten werd opgepakt en moet zich vanaf maandag, twee jaar na de feiten, voor de rechter verantwoorden. Ze riskeren een geldboete en een gevangenisstraf.

Vakbond ACV-CSC Metea wil de collega’s gaan steunen door aanstaande maandag naar Duitsland te trekken. “Het machtsvertoon dat destijds werd uitgerold door de Duitse politie staat in schril contrast met de onmacht van de betrokken werknemers”, vindt vakbondssecretaris Peter Kunnen. “In het kader van ons recht op vrije meningsuiting, zullen we maandag opnieuw laten horen wat wij ervan vinden.”