slangen op maandag

Speedtaxi

Print
Speedtaxi

Foto: archief

‘Neem een taxi’, zeg ik tegen mijn dochter als ze laat terugkomt van een feestje. Je denkt aan weekendongevallen, of aan jongeren achter het stuur met een glas te veel op. En je kiest voor veilig. Dat denk je althans, want dan lees je de volgende dag dat de politie van Hasselt een taxichauffeur onder invloed van cocaïne heeft opgepakt.

Zeker in het weekend is een taxi een zegen, voor wie iets drinkt of voor onze feestende tieners. Maar dan moet je wel kunnen rekenen op verantwoordelijke chauffeurs en gedegen taxi-bedrijven. Toen ik las over de Hasseltse cocaïne-taxi dacht ik spontaan aan het ‘dopinggeval’ van sterrenchef Luc Bellings. Ik heb nooit begrepen waarom dopingcontrole een overheidstaak is. Als iemand vals speelt in de sport, is dat vooral een probleem voor de betrokken organisaties en sportfederaties. In de professionele sport gaat veel geld om.

Waarom moet de gemeenschap dan die dopingcontroles betalen? Sporters die doping gebruiken, verstoren het spel en de fairplay, maar ze brengen geen mensen in gevaar, tenzij zichzelf. Moet de overheid dan ook gaan controleren of er bij u thuis niet vals gespeeld wordt bij het scrabbelen? Controleren of een journalist of auteur het spel belazert door plagiaat te plegen? Of aan de kassa van de McDonald’s controleren of iemand zijn gezondheid in gevaar brengt door twee megamenu’s te bestellen? Als een sporttak doping wil bestrijden, moeten ze dat zelf maar doen, en op eigen kosten.

Helemaal te gek wordt het als de overheid amateursporters en fitnessers gaat controleren. Dopingdiensten vallen binnen in fitnesscentra en de getrainde lijven moeten verplicht een plasje doen. Als het resultaat positief is, mogen ze niet meer fitnessen. Absurd. Gelegenheidsfietsers of cafévoetballers worden eveneens gecontroleerd. Moet een overheid zich daarmee bezighouden, controleren of een amateurfietser een in de sport verboden verjongingszalfje opsmeert? Of controleren of een bodybuilder zijn spieren niet enkel met oefeningen maar ook met iets anders verstevigt?

In de meeste gevallen gaat het overigens om producten die vrij verkrijgbaar zijn. Aan de andere kant heb je taxichauffeurs en buschauffeurs. In hun handen rusten mensenlevens. Je mag van hen verwachten dat ze onberispelijk zijn en tijdens hun werk geen drugs of alcohol gebruiken. Maar hoe zeker kunnen we daarvan zijn? Stelselmatige controles bestaan niet voor taxi’s en bussen. Misschien moeten we onze prioriteiten eens herbekijken. En de dopinginspecteurs bij fitnesszalen en amateursporters weghalen en op taxi- en buschauffeurs laten toezien.

Noël SLANGEN

Twitter @NoelSlangen