Zomerreeks Liedjes

© Archiefbeeld

Routineklus in politiecel 619

‘September ‘77. Port Elizabeth weather fine. It was buisness as usual in police room 619’, zingt Peter Gabriël in zijn ode aan ‘Biko’. Maar de man die werd gedood door de politie van Zuid-Afrika zorgde er wel voor dat zijn dood meteen het begin was van het einde voor het apartheidsregime.

Malu

Stephen Bantu Biko werd op 18 december 1946 geboren. Hij was het derde kind in het gezin Biko. Zijn vader was kantoorklerk in dienst van de overheid. Zijn moeder deed, zoals vele zwarte vrouwen, huishoudelijk werk bij blanke families. Al op vierjarige leeftijd verloor Steve zijn vader. Tijdens zijn middelbare school-periode was de heksenjacht op jonge politieke activisten volop bezig en samen met zijn broer belandde hij in de gevangenis en werd hij van school verwijderd.

Biko meende dat de zwarten kampten met een door de maatschappij geconditioneerd en in stand gehouden minderwaardigheidscomplex. In 1969 richtte hij daarom de South African Students’ Organisation (SASO) op. Steve Biko was mede-oprichter en werd de eerste voorzitter. Zwart zijn was volgens Biko geen zaak van pigment, maar wel van een mentaliteit. Het effect van deze boodschap was al snel merkbaar. De verkoop en promotie van huidblekende crèmes verminderde drastisch.

Getuige

Toen er in 1973 vanwege economische problemen stakingen uitbraken, werden meer dan vijftig leiders van de beweging door middel van een zogenaamde banning-order, ingeperkt. Biko mocht niet meer geciteerd worden, geen openbare bijeenkomsten meer bijwonen en nooit met meer dan een persoon tegelijk in een ruimte aanwezig zijn. Tegelijkertijd werden er ook minder vreedzame maatregelen aangewend. Het was niet ongebruikelijk om gevangenen dood te martelen. De gevangene had dan volgens de officiële lezing ‘zelfmoord gepleegd’ of was ‘uitgegleden over een stuk zeep in de douchecel’. Naar aanleiding van het instorten van de koloniale overheersing in Mozambique, waren er in 1974 in Zuid-AFrika grote manifestaties geweest. Als gevolg daarvan werd een aantal Black Consciousness-leiders voor het gerecht gedaagd. Biko meldde zich vrijwillig als getuige. onder zeer grote mediabelangstelling deed hij in het begin van 1976 verslag van de Black Consciousness-filosofie. De zelfverzekerde wijze waarop hij zijn verhaal deed miste zijn uitwerking niet.

Hongerstaking

In juni 1976 barstten de Soweto-Rellen los toen de regering de Afrikaanse taal van de boeren in plaats van het Engels in het onderwijs wilde verplichten. Gewapend met stenen en de deksels van vuilnisbakken als schild gebruikend, trokken jongeren ten strijde tegen leger en politie. Tientallen jongeren werden neergeschoten, maar het verzet bleef doorgaan. Op 18 augustus 1977 werd Biko samen met een vriend tijdens een autorit opgepakt, ditmaal vanwege overtreding van zijn banning-order. ‘Business as usual in police room 619’ van Port Elizabeth zorgde ervoor dat Biko twee dagen gehandboeid en bewusteloos in zijn eigen urine mocht blijven liggen. De klap die hij met een metalen pijp op zijn hoofd kreeg, zorgde voor een ernstige hersenbeschadiging. Na dagen naakt op de grond van een cel te hebben gelegen, zakte hij weg in een coma. Hij werd naakt achterin een Land Rover gesmeten en naar het meer dan duizend kilometer verder liggende Pretoria gebracht. Hij stierf op 11 september. Officiële doodsoorzaak: hongerstaking.

Het nieuws van de dood van Biko schokte de wereld. De Zuid-Afrikaanse regering bleef echter laconiek. Jimmy Kruger, de minister van justitie, grapte tegen een collega: ‘Het is een democratisch recht van gevangenen om zichzelf uit te hongeren.’ Nadat Biko’s weduwe het lichaam had gezien was duidelijk geworden dat de regering loog. Biko’s begrafenis werd een grootschalige uiting van protest. Terwijl meer dan vijftienduizend zwarten zijn begrafenis bijwoonden, werden er nog eens vele duizenden door de politie op afstand gehouden. Hij was een martelaar geworden.