Gezin bouwt begijnenwoning om tot museum

Gezin bouwt begijnenwoning om tot museum

Gezin bouwt begijnenwoning om tot museum

Tongeren - Zondag opent begijnhofmuseum Beghina de deuren. Het levenswerk van de familie van den Borne is ondergebracht in een authentieke begijnenwoning uit 1661. Jan, een architect uit Mol, kocht het pand 10 jaar geleden. Na de restauratie zou het gezin er komen wonen, maar dan sloeg het noodlot toe. Dochter Stephanie kwam door een ongeval in een rolstoel terecht en het huis is voor haar niet geschikt. Daarom stellen ze het nu open als museum.

Het gebouw werd als eerste in de rij opgetrokken in 1661 in Maasstijl. In de 18de eeuw werden er omvangrijke verbouwingen uitgevoerd. Mama Lea Cox heeft zich, als Limburggids, in de geschiedenis verdiept: “Ik heb oude werken geraadpleegd in het stadsarchief. De begijnen noteerden echt alles, dus ook elke verbouwing.” Het huisje is bemeubeld met materiaal ‘uit de tijd’. “Dat hebben we gevonden op rommelmarkten en bij particulieren.” De familie werkt ook nauw samen met het stadsarchief. “We mogen unieke stukken tentoonstellen, zoals een schrijn.” Om het leefbaar te maken, werden er wel moderne elementen toegevoegd: “We hebben voor staal en glas gekozen, want het moet opvallen. Niets staat tegen de wanden en alles is verwijderbaar. De meters voor water, gas, elektriciteit en de infraroodsturing werden allemaal samen in één koker verzameld.”

Zes jaar restaureren

“We ontdekten het huis via een annonce in de krant. Het was in slechte staat, maar alle elementen waren nog aanwezig”, vertelt dochter Patricia. “De ruwbouw werd uitbesteed aan vader en zoon Langenaken uit Piringen. De rest hebben we allemaal zelf gedaan. Alles is origineel gebleven. Het is eigenlijk een museum op zich.” De restauratie nam 6 jaar in beslag. Jan moest allerlei technieken aanleren om het interieur authentiek te restaureren: steenkappen, pleisteren met paardenhaar, eiken vloeren restaureren. “We zijn uitstekend begeleid door de studiedienst van Monumenten & Landschappen. Gelukkig had de vorige eigenaar alles met platen afgedekt. Hierdoor is er niets verloren gegaan.” Patricia nam zelf de restauratie van de schouwen en het vlechtwerk in de wanden voor haar rekening.

Speciaal bier en koekjes in de kelder

De kelderverdieping is ingericht als proeverij: Demobrouwerij Jessenhofke in Kuringen zorgde voor een begijnenbiertje. Het ‘Dagelyckx bier’ (tripel van 8%) bevat kruiden en biologische ingrediënten. Voor een glas betaal je 2 euro.Verder zijn er begijnenkoekjes: zandkoekjes in de vorm van een begijn, ontworpen door de Tongerse bakkerij Philda en ook havermoutkoekjes en een drank op basis van vlierbloesem.

De eerste toeristen daagden al op, maar ze moeten wachten tot zondag 10 uur.


Immo

Auto's in de kijker

Jobs in de regio