Vlaming staat steeds meer borg voor bedrijven

De Vlaamse belastingbetaler staat steeds meer borg voor leningen die door bedrijven worden opgenomen. In de eerste negen maanden kwamen er 1.079 kredieten bij, goed voor 145 miljoen euro aan extra waarborgen. En vanaf Nieuwjaar wordt het systeem nog uitgebreid.

jvangeyte

Bedrijven raken steeds moeilijker aan een lening. Door de crisis zijn banken strenger geworden. Ze eisen onder meer extra waarborgen. Garanties die de bedrijfsleiders vaak niet zelf kunnen geven. En dus treedt de overheid op als borg.

De Vlaamse overheid - en dus de belastingbetaler - stelt zich borg via de Participatiemaatschappij Vlaanderen (PMV). Die heeft elk jaar een budget voor borgstellingen. Periodiek vraagt ze aan de banken hoeveel ze daarvan willen afnemen. Het bedrag wordt vervolgens onder de geïnteresseerde financiers verdeeld.

De PMV waarborgt 75% van de lening, de overige 25% zijn voor het risico van de bank of voor andere borgen. Voor leningen tot 750.000 euro mogen de banken zelf aangeven of ze de borgstelling van de overheid inroepen of niet. Voor grotere dossiers hebben ze de goedkeuring van Vlaams minister-president Kris Peeters nodig. Het maximum is 1,5 miljoen euro.

De kostprijs van de borgstelling is het kredietbedrag x 0,5% x het aantal jaren waarborg de borgstelling wordt gevraagd. Dit bedrag mag door de bank worden doorgerekend aan de klant.

In 2008 werd de waarborg gevraagd in 705 dossiers, goed voor 100 miljoen euro. Dit jaar gaan we er vlot over. Na negen maanden stond de teller al op 1.079 dossiers en een bedrag van 145 miljoen euro.

Overbruggingsleningen

Tot nog toe kon de waarborg alleen worden ingeroepen voor investeringen, maar vanaf Nieuwjaar komt hierin verandering. Hij zal ook mogelijk zijn voor overbruggingsleningen, zegt Vlaams minister-president Kris Peeters. Daardoor kan hij worden ingeroepen voor het delgen van oude schulden voor bedrijven die tijdelijk met een geldtekort kampen.

De waarborgregeling moet bedrijven vlotter toegang geven tot kredieten.

Winwinlening

Een andere maatregel om de kredieten aan de bedrijven aan te zwengelen is de uitbreiding van de winwinlening. Particulieren kunnen nu voor 50.000 euro voor acht jaar een achtergestelde lening geven aan een bedrijf tegen een intrestvoet van 2,75% tot 5,50% (de helft en de volledige wettelijke rentevoet). Op dat bedrag krijgen ze dan jaarlijks 2,5% belastingvermindering, met een maximum van 1.250 euro.

Voorwaarde is dat men geen aandeelhouder, bedrijfsleider of werknemer van dat bedrijf is. Mocht de onderneming failliet gaan, is men zijn centen weliswaar kwijt, maar krijgt men een belastingvermindering van 30% van het verloren bedrag.

Binnenkort wordt dit bedrag opgetrokken tot 100.000 euro. Let wel: een achtergestelde lening wil zeggen dat men bij een vereffening pas wordt terugbetaald nadat alle andere schuldeisers hun tegoeden hebben kunnen recupereren.

JVG