Getest: Porsche 911 Turbo: de referentie

Print
De ingenieurs van Porsche zijn meesters in evolutie. Bij elke editie wordt de 911, in dit geval de 911 Turbo, een beetje beter. Sinds de lancering van de eerste 911 Turbo in 1974 is hij aan zijn zevende editie toe. Ook al lijken heel wat concurrenten op papier indrukwekkender, de 911 Turbo blijft de referentie onder de supersportwagens. Dat leert een testrit op het circuit van Estoril.

Zet de nieuwe 911 Turbo naast zijn illustere voorganger uit 1974 en je ziet onmiddellijk de familiale gelijkenissen. De 911 is een 911, hij werd alleen wat langer en breder.

Ook onder de motorkap bleef alles bij het oude. De zescilinder boxer blijft de ziel van elke sportieve Porsche, ook al ligt hij tegenwoordig iets meer naar voor en is hij voorzien van waterkoeling. Bovendien beschikt de 911 Turbo over vierwielaandrijving die vooral bij glad en nat weer zijn nut bewijst. 1974, dat was ook de tijd dat je een Porsche-eigenaar nog kon herkennen aan zijn linkerkuit, die wat forser was ontwikkeld door het indrukken van de zware koppeling.

Decennialang was de 911 Turbo een mannenauto. Ruim 35 jaar later is dat niet langer het geval. De nieuwe 911 Turbo krijgt naast de standaard manuele zesbak voor het eerst de PDK-versnellingsbak (4.114 euro), die automatisch ontkoppelt en schakelt, of manueel via peddels aan het stuur. Dankzij de Porsche Doppel Kupplungwordt sneller en zonder schokken geschakeld. In optie is ook een stuur beschikbaar met normale peddels. Porsche kreeg immers bakken kritiek over zich heen voor de bediening met drukknoppen.

Interessant cijfer: de zeventraps PDKbak is 10 kilo lichter dan de vijftraps automaat uit de vorige 911 Turbo. De nieuwe 911 Turbo weegt 1.570 kilogram (automaat 1.595 kilo) en is daarmee 10 tot 25 kilogram lichter dan zijn voorganger. Porsche betekent ook de afwezigheid van overbodige franjes.

Launch control

De nieuwe 911 Turbo is er opnieuw als coupé en als cabrio. De coupé is wat ons betreft de mooiste van de twee, hoewel het motorgeluid in de cabrio toch mooier tot zijn recht komt.

Het cabriodak opent elektrisch, ook al rijdend. In optie zijn er kuipstoelen die – als je er eenmaal in geraakt – als gegoten zitten. Wie dat wil kan de 911 Turbo elke dag gebruiken, in tegenstelling tot heel wat Italiaanse kasplantjes.

Instappen in een 911 is altijd een beetje thuiskomen. Alle bedieningen zitten waar dat hoort, het contact nog altijd links. Op de middenconsole vinden we het navigatiesysteem, de Bose hifi met iPod- en iPhone-aansluiting en enkele knopjes die onze bijzondere aandacht verdienen: Sport, Sportplus en Launch Control (Sport Chrono-pakket voor PDK: 4.719 euro).

In de standen Sport en Sportplus wordt niet alleen de ophanging wat strakker, maar wordt ook later en sneller geschakeld. Ideaal voor op het circuit. De bochtensnelheden zijn fenomenaal, hij plakt aan de weg. Niets lijkt de 911 uit balans te brengen. De 911 Turbo bewijst dat goede wijn met de jaren alleen maar beter wordt.

Het Porsche Stability Management houdt u in alle omstandigheden op de baan maar is nooit opdringerig.U kan alles ook uitschakelen, als u denkt dat u het beter kan dan de computers. Voor de ingenieurs betekent PSM ook ‘Please Save Me’.

Nieuw is ook Porsche Torque Vectoring. Met dit systeem kan het vermogen op de achterwielen individueel aangepast worden. En dan is er nog de Launch Control. Linkervoet op de rem, rechtervoet plankgas, rem lossen en dan vergaat de wereld. Sprinten van 0 tot 100 in 3,4 seconden, In 10 seconden haalt u 200 kilometer per uur. Dankzij de keramische remmen (9.135 euro) staat u ook onmiddellijk weer stil.

In tegenstelling tot andere merken, waar de Launch Control de koppeling na enkele keren al naar de filistijnen helpt, kan het systeem van Porsche makkelijk 4.000 keer mee. Porsche- techniek staat bekend om zijn duurzaamheid.

Boxer

In 1974 was de eerste 911 Turbo goed voor 260 pk. Dat haal je nu uit een Cayman. Vandaag is de Turbo, die zijn cilinderinhoud van 3.6 naar 3.8 liter vergroot zag, goed voor 500 pk.

Iedereen denkt dat de motor van de 911 Turbo altijd hetzelfde blijft, maar niets is minder waar. De flat six werd helemaal nieuw ontwikkeld, kreeg directe benzine-injectie en een nieuw smeersysteem en het zwaartepunt ligt nu nog lager. Bovendien is de ophanging van de motor in zijn chassis hydraulisch regelbaar zodat de 911 Turbo nog strakker rijd. En wat een klank.

De 911 Turbo wordt telkens ook een beetje groener (lach niet!). De motoren van Porsche staan al bekend om hun zuinigheid, de nieuwe verbruikt slechts 11,4 liter, wat staat voor een CO2-uitstoot van 268 gram. Ook op milieuvlak is de 911 Turbo een referentie. Hoewel de nieuwe 911 er heel dicht bij komt, is er één ding wat hij nog niet kan: vliegen. Dat is wellicht voor de achtste generatie.

Bekijk ook deze YouTube-video:

Plus:

- Fenomenale motor
- Comfort en bruikbaarheid
- Kwaliteit en duurzaamheid
- Onberispelijke wegligging

Min

- Dure opties

Prijzen:

Coupé: 149.556 euro
Cabrio: 160.930 euro

Concurrenten:

Audi R8 V10: 145.575 euro
Jaguar XKR: 105.100 euro

Guido CLOOSTERMANS

Bron: Magazine