Chinese censuur laat nieuws over onlusten passeren

Print
Chinese censuur laat nieuws over onlusten passeren

Chinese censuur laat nieuws over onlusten passeren

Vorig jaar zwegen de Chinese media nog over de onlusten in Tibet. Vandaag berichten ze uitvoerig over de botsingen tussen Oeigoeren en Han-Chinezen in de provincie Xinjiang. Het toont de grondige veranderingen in de Chinese samenleving, die de communistische leiders niet langer volledig onder controle hebben.

Bij het conflict in Tibet vorig jaar kregen de Chinese media te verstaan dat ze het onderwerp moesten mijden. Over de bloedige botsingen tussen Han-Chinezen en islamitische Oeigoeren op 5 juli in de provinciehoofdstad Urumqi wordt nu wel uitgebreid bericht.

Die houding werd ingegeven door het massale protest na de verkiezingen in Iran. Daar stuurden de mensen het nieuws de wereld in via nieuwe internetinstrumenten zoals Twitter, Facebook en YouTube. Peking was er daardoor als de kippen bij om zo snel mogelijk zijn eigen versie van de feiten in Xinjiang te geven.

Foto's

Op 7 juli publiceerden druk gelezen lokale kranten foto’s van uitgebrande auto’s, toegetakelde bussen en bebloede mensen in Urumqi. De beelden gingen vergezeld van berichten van het staatsnieuwsagentschap Xinhua.

Dat stelde dat het om “een georganiseerde geweldmisdaad” ging “van buiten af aangemoedigd en georganiseerd en uitgevoerd door binnenlandse misdadigers”.

Dalai Lama van de Oeigoeren

Peking beschuldigt de Oeigoerse mensenrechtenactiviste Rebiya Kadeer, die naar de VS is uitgeweken, ervan achter de onrust te zitten. Ook Oeigoerse onafhankelijkheidsgroepen in Washington, München en Londen worden met de vinger gewezen.

Zelfs de liberale Chinese krant Southern Weekend gaf de officiële versie van de feiten. Het besteedde een volledige pagina aan Kadeer, die de “Dalai Lama van de Oeigoerse bevolking” genoemd werd.

Bron: RP (IPS)