Ariël Jacobs: "Genk blijft een titelkandidaat"

Print

Ariël Jacobs: Genk blijft een titelkandidaat

“Onzeker voor vrijdag, zeker geen operatie”, becommentarieert hij met een uitgestreken gezicht zijn zware verkoudheid. Het is niet alleen zijn gevoel voor humor dat van Ariël Jacobs (55) een van de aangenaamste figuren in het Belgisch voetbal maakt. De trainer van Anderlecht trekt graag tijd uit om uitgebreid vooruit te blikken op de topper tegen Racing Genk. Zijn ex-ploeg, waar hij het als technisch directeur voortijdig voor bekeken hield. “Ik heb niets dan mooie herinneringen aan de club en de mensen die er rondlopen. Alleen de job lag me niet. Kopen en verkopen, daarvoor ben ik niet geschikt.”

Anderlecht is herfstkampioen maar mist de erkenning voor die titel. De open doekjes zijn voor de demonstratie van aartsrivaal Standard in Brugge en Europa. Dat krenkt de trots van voorzitter Roger Vanden Stock, zijn trainer Ariël Jacobs heeft er minder problemen mee.

“Standard maakte in Europa en af en toe in België een grootse indruk. Heel knap, daar ben ik niet jaloers op. Maar ik sta in de competitie liever vier punten voor hen, dan vier punten achter hen. De commentaren enerveren mij niet, ik hoop dat ze mijn spelers wel enerveren.”

Vrees je voor vrijdag dat de scherpte weg is met de vakantie in zicht en de herfsttitel op zak?

“Het is alsof de heenronde vorige week werd afgesloten. Club- Standard is gespeeld, Anderlecht is herfstkampioen. Ik ben echt blij dat we vrijdag tegen Genk spelen, een titelkandidaat. Tegen een mindere tegenstrever zou het gevaar op een gebrek aan concentratie groot zijn.”

Blijft Genk voor jou een titelkandidaat?

“Absoluut. Ze werden voor het seizoen door niemand vermeld omdat ze een slecht jaar achter de rug hadden. Maar het blijft voor mij een van de topclubs, ze strijden al jaren mee voor de prijzen. Ze staan nu op amper vijf punten en staan daar terecht. Omdat het een ploeg Gentleman Ariël Jacobs over het telefoontje van Joao Carlos en de trein van Van Geneugden is die kan terugvechten. Ik zag hun match op Moeskroen. Ik dacht na de 1-0 dat de match gespeeld was, maar in een paar minuten deden ze die wedstrijd volledig kantelen. Dat is een belangrijke kwaliteit.”

Had Joao Carlos bij Anderlecht gespeeld, mocht Pareja vroeger vertrokken zijn?

“Misschien wel. Hij was in elk geval vragende partij, hij heeft me gecontacteerd. We kennen mekaar goed van bij Lokeren en het is een schitterende speler. Alleen was het op dat moment een onmogelijke zaak. Met Pareja, Juhasz, Kruiswijk en Rnic plus eventueel Van Damme en Deschacht waren de posities centraal achterin al zeer goed bezet. Na het vertrek van Pareja ná de Olympische Spelen, zaten we met een totaal andere situatie. Alleen kan je daar niet op anticiperen, dan doe je aan kapitaalsvernietiging. Als een club geïnteresseerd is in een speler, weten ze snel of je in een luxepositie zit of niet.”

Ook de trainer ken je goed. Hoe was je band met Ronny Van Geneugden in Genk?

“Heel goed. Hij leverde daar prima werk bij de jeugd. Genk is eigenlijk slachtoffer geworden van het schitterende werk dat men op dat vlak leverde. Defour, Pocognoli, Bolat, Benteke... ze vertrekken allemaal, vooraleer men vol de vruchten van de intensieve begeleiding kan plukken. Dat moet verschrikkelijk frustrerend zijn.”

Had je verwacht dat Van Geneugden hoofdtrainer zou worden?

“Zeker, hij heeft er de capaciteiten voor....

Lees de rest van het interview in onze krant...