Servië spoort weg van de Europese Unie

Het politiek interimakkoord tussen de Europese Unie en Servië, dat op 28 januari door de Hoge Vertegenwoordiger Javier Solana en EU-Commissaris Olli Rehn trots werd aangekondigd, blijft een dode mus.

Belga

Donderdag komt er geen Servische delegatie naar Brussel en alles wijst er op dat de relaties tussen Unie en Servië de volgende weken van slecht naar heel slecht zullen evolueren. Als Kosovo zeer binnenkort de onafhankelijkheid uitroept en de EU vervolgens beslist om een civiele missie naar Kosovo te sturen, is een langdurige kortsluiting tussen Unie en Servië onvermijdelijk.

De weigering van Servië om het politiek akkoord met de EU te ondertekenen, is een fameuze tegenvaller voor de Europese diplomatie. De hoop dat een overwinnig van Boris Tadic in de presidentsverkiezingen Servië in de EU zou verankeren, bleek een foute inschatting. Tadic en de EU-sympathisanten in de Servische regering en het parlement werden door de nationalistische partijen van premier Vojislav Kostunica en Tomislav Nikolic schaakmat gezet.

Tadic & co, zo ontdekt de leiding van de Europese Unie veel te laat, moeten op de beslissende momenten de duimen leggen.

Zeker voor minister van Buitenlandse Zaken Vuk Jeremic, die tot dezelfde partij als Tadic behoort, is deze 7de februari een afgang. Nadat hij op 28 januari urenlang met de EU-ministers van Buitenlandse Zaken in Brussel over het politiek akkoord onderhandelde, verklaarde hij zich akkoord met de inhoud. Meer zelfs, hij was er enthousiast over en op een gemeenschappelijke persconferentie met Solana en Rehn verklaarde hij: "Dit is een grote dag voor Servië."

Het feit dat Tadic & co er ondanks de verkiezingsoverwinning van 3 februari niet in slaagden hun wil door te zetten en naar Brussel te reizen, zegt veel over de machtsverhoudingen in Belgrado. Tijdens de parlementsverkiezingen van 21 januari 2007 haalde de Democratische Partij (DS) van Tadic bijna dubbel zoveel zetels als de Democratische Partij van Servië (DSS) van Kostunica. Zestig tegen 33, maar toch werd Kostunica premier en behield de DSS de controle over de "machtsdepartementen", die de controle over de politie- en veiligheidsdiensten in handen hebben.

Tijdens het formatieberaad van 114 dagen werd er immers gepokerd dat het lieve lust was. Vooral door Kostunica. Die dreigde er voortdurend mee dat hij met de Servische Radicale Partij (SRS) van Nikolic in zee zou gaan. De SRS is nationalistisch en kwam als grootste partij uit de verkiezingen. Goed voor 81 zetels. Onder Europese druk werd Tadic gedwongen om toegevingen te doen en zo de nationalistische coalitie te verhinderen.

Voor de DS en Tadic werd het een vernederend compromis. Ze moesten op zowat alle eisen van Kostunica ingaan. Niet alleen moesten ze het premierschap opgeven, maar ook de machtsdepartementen. Nochtans had de EU er systematisch bij Tadic op aangedrongen dat hij die binnen zou halen. Begrijpelijk, daar wordt immers uitgemaakt of men de voortvluchtige oorlogsmisdadigers als een Ratko Mladic zou kunnen vinden. Daar lag dus de sleutel voor de volledige samenwerking met het Internationaal Joegoslavië-tribunaal (ICTY) en die samenwerking was dan weer nodig voor het Stabilisatie- en Associatie-akkoord (SAA) met de Unie.

Belgrado en de hele EU-top hebben lang gehoopt dat het SAA uiteindelijk zonder de uitlevering van Mladic door de 27 ondertekend kon worden. Zo kon Servië in de Unie verankerd worden en hoefde het tot geen harde confrontatie met Kostunica te komen. Die werkt de uitlevering tegen, omdat hij de nationalisten en veiligheidsdiensten, die Mladic nog altijd beschermen, niet durft te ontstemmen. Omdat Nederland en België van de samenwerking met het ICTY een princiepskwestie maakte, kwam er geen SAA. Zelfs het politiek interimakkoord dat de 27 als alternatief aanboden, verdwijnt nu in de papiermand.

De strategie van de EU en Tadic om de Europese verankering van Servië te ontkoppelen van de Kosovo-kwestie ligt nu aan scherven. De oppositie van Kostunica tegen het politiek akkoord, waar nochtans geen woord over Kosovo instond, had immers alles met Kosovo, de nakende onafhankelijkheid en de Europese erkenning ervan te maken. In Belgrado zijn de twee dossiers nu volledig aan elkaar gekoppeld en dat luidt in feite het einde van de huidige coalitie in. Als de DS van Tadic verder in deze regering blijft, geeft ze haar meest wezenlijke inbreng, de toenadering tot Europa, op.

De kans op een politieke crisis is dus reëel. Dat hoeft niet meteen tot nieuwe verkiezingen te leiden, want Kostunica heeft een alternatief: de SRS van Nikolic. Voor de Europese Unie is het hoe dan ook het failliet van een strategie, want het kan alleen van kwaad naar erger gaan. Als het tot parlementsverkiezingen komt, zullen ze na de onfhankelijkheidsverklaring van Kosovo komen. Dat betekent sowieso een enorme bonus voor de nationalisten, een verdere verwijdering van de EU en een nieuw, gevaarlijk spanningsveld in de Balkan.