Balbezit

Print
Ik deel al ruim twee jaar in grote mate liefde en in wat mindere mate leed, maar nu even niet. Mijn vriend heeft een voltijdse bezigheidstherapie in het WK voetbal gevonden en wendt de mogelijkheden van zijn zintuigen alleen nog maar aan voor de televisie. Geen oog of oor meer voor mij. Behalve als hij dorst heeft en om een Jupiler vraagt. Compleet logische opmerkingen van mijn kant zoals “maar België doet niet eens mee” en “drie matchen per dag is toch te veel van hetzelfde” werden op een geïrriteerde blik onthaald van zijn kant. Ook mijn uitbundige naar aandacht snakkende danschoreografie pal voor het beeldscherm kon op weinig sympathie rekenen. En geloof me, dat laatste is nog beschaafd uitgedrukt.
BR> Om escalerende ergernissen te voorkomen plakte mijn lief een WK-reglement voor vrouwen op ons magneetbord waarin staat dat de bal dezer dagen primeert op de vriendin.
Wablief? Dezer dagen? Als het de bal niet is, is het wel de fiets, de formule 1-wagen of de snookertafel die zijn interesse gedurende een héél jaar opeist. Maar goed, ik leg me redelijk begripvol neer bij zijn onschuldige tijdsbesteding. Nu dus ook. Ik ontvlucht het appartement tijdens alle wedstrijden en verschans me samen met andere vluchtelingen, oftewel samenwonende vriendinnen, op plaatsen waar geen fanclub van één of andere voetbalploeg verenigd zit.
Tenminste dat probeer ik toch.
Maandag is dat alvast mislukt, want toen zat ik te midden van Italië-supporters (2-0) knel in een door hen veroorzaakte toeterende file. En wat doe je dan als niet-voetballiefhebber?
Keihard “Forza Italia” meegillen, natuurlijk!
Want toegegeven, zulke chauvinistische blijdschap werkt aanstekelijk. Ook al zit er geen enkele Italiaanse bloedcel in mijn lijf. Een uur lang feestte ik lustig mee op straat en wat als ik nog een keer in zo’ n opstopping beland? Dan doe ik weer vrolijk mee! En het maakt me niet uit welk land wint. Ziezo, tot zover mijn kleine bijdrage aan de sportiviteit. Tot in de massa!