Moeilijk

HOESELT -

Allez vooruit, nog één keertje dan. Omdat ze d’r zelf om vragen. Zorg er bij burenprotest altijd voor dat de eisen duidelijk zijn, dat ze helder geformuleerd worden, en dat er geen spelfouten gemaakt worden. Hoe moeilijk kan dat nou zijn? Heel moeilijk, zo blijkt altijd weer opnieuw. Zoals begin deze week in de Hoeseltse deelgemeente Werm. Daar staat een steenbakkerij op het punt te verhuizen. Uit de dorpskom en naar een veld, een eindje verderop. Niks van, zegt een demonstrerende groep buurtbewoners die hun akker en hun rust bedreigd zien. Het veld staat ingeschreven als landbouwzone, en een steenbakkerij hoort daar niet in thuis. Correct. Een steenbakkerij hoort overigens ook niet thuis in een dorpscentrum, maar tot daar aan toe.

kdejager

BR>

Nee, wat we hier zien is een fijn staaltje van het hier al vaker aangehaalde N.I.M.B.Y-fenomeen: not in my backyard, oftewel ‘overal anders, maar niet in onze buurt’.Komt wel vaker voor, niks mis mee. Waar wel iets mis mee is, is met het armtierige bordje dat het kleinschalige burenprotest van een slogan moet voorzien. Daarop staan namelijk vreemde dingen. Dingen die mij - licht autistisch zijnde - telkens weer uit evenwicht brengen. Ik ga d’r even van uit dat de opsteller van het betreffende bord het volgende wou meedelen:‘Dit is landbouwzone, hier hoort geen industrie (thuis)’. Dat zou logisch zijn. Maar nee, in plaats daarvan staat er ‘DIT is LANDBOUW ZONE. GEEN INDUSTRIE’. Zonder punt aan het eind overigens.

Vraag één: waarom schrijft men het woordje ‘is’ in kleine letters, en de rest in kapitalen?

Vraag twee: waarom geen punt aan het eind?

Vraag drie: waar is het afkappingsteken tussen ‘landbouw’ en ‘zone’ gebleven? Hu?

En vraag vier, de vraag der vragen: waarom begrijp ik het bordje niet?

Op die laatste vraag heb ik wél een antwoord. Ik begrijp het bordje niet omdat er een (deel)woord ontbreekt. Het woordje ‘zone’. Had achter industrie moeten komen, maar is helaas vergeten. Zoals de verzuchting er nu staat, slaat ze nergens op. Nu staat er iets als ‘Dit is burenoproer. Geen studenten’, kortom erg warrig taalgebruik.

En verder stel ik vast dat het zelfs op een erg uitgestrekt veld toch mogelijk is om de helft van een groep mensen onzichtbaar te verstoppen achter de frontlijners.

Aangeboden door onze partners