Stiptheid treinen bereikt dieptepunt

De stiptheid op het Belgische spoor heeft vorig jaar een nieuw dieptepunt bereikt. Over het hele jaar reed 85,6 procent van de treinen op tijd of met een vertraging van hoogstens 6 minuten.

drombouts

Het is het slechtste resultaat in minstens vijftien jaar. De cijfers voor 2013 werden dinsdag gepubliceerd op de website van spoorinfrastructuurbeheerder Infrabel. Het is geen verrassing dat de stiptheid vorig jaar lager lag dan in 2012, toen 87,2 procent van de treinen op schema spoorde. Gedurende het hele jaar lag de stiptheid bijna telkens lager dan in dezelfde maand het jaar ervoor. In november zakte het percentage stipte treinen zelfs onder 80 procent (tot 79,1 procent). Het jaar werd wel afgesloten met een positieve noot: de stiptheid in december vorig jaar (86,7 procent) was beter dan in december 2012 (85,3 procent).

Er werden ook meer treinen afgeschaft: 20.580 in totaal (1,6 procent van alle treinen) tegenover 18.969 (1,4 procent) in 2012.

De grootste veroorzaakers van vertragingen zijn "derden" (bijvoorbeeld mensen langs de sporen). Zij zorgen voor 37,1 procent van de vertragingen, aldus Infrabel. Spoorwegmaatschappij NMBS is verantwoordelijk voor 36,2 procent van de vertragingen en Infrabel voor 20,9 procent.

Antwerpen

Infrabel berekende ook voor de tien voornaamste overstapstations hoeveel aansluitingen er effectief gehaald werden. Voor het Centraal Station bedroeg het aantal verzekerde aansluitingen in 2012 89,9%, in 2013 ging daar meer dan twee procent af (87,7%). Ook het station van Mechelen kende een daling (van 90,1 naar 89,2%).

Wat de stiptheid van de acht grote verbindingen betreft, kende de lijn Antwerpen-Kortrijk een serieuze daling (van 85,9% in 2012 naar 81,1% in 2013) terwijl de treinen op de lijn Antwerpen-Brussel-Charleroi iets stipter reden (van 84,6 naar 85,4%).

Foto TP

Meer over Infrabel