De belangrijkste knelpuntberoepen

Print
De belangrijkste knelpuntberoepen

De belangrijkste knelpuntberoepen

Vacatures voor een aantal specifieke beroepen geraken al sinds jaar en dag moeilijk ingevuld. Er zijn diverse oorzaken waarom ze het etiket van 'knelpuntberoep' opgekleefd krijgen.
p> Zo kan het zijn dat de sector zodanig snel groeit dat er onvoldoende kandidaten zijn. Soms willen jongeren het beroep niet doen omwille van de arbeidsomstandigheden. En nog andere vacatures geraken niet ingevuld omdat de moeilijkheidsgraad te hoog is. Toch zijn er gelukkig nog heel wat mensen die fier zijn op hun knelpuntberoep en dat iedere dag met hart en ziel uitoefenen.

Dakdekker: "Niet zomaar leien kloppen"

Kris Stevens (foto) heeft al 27 jaar het beroep van dakdekker op zijn naamkaartje staan. Een stiel die hij erg graag doet. Als zelfstandige ondernemer ziet hij de dalende belangstelling van de jongere generaties met lede ogen aan. "Vroeger was het gebruikelijk dat jongeren vanaf 16 jaar stopten met school en dan op leercontract het vak aanleerden", vertelt hij. "Als ze daarna hun legerdienst hadden vervuld, kwamen ze met de nodige praktijkervaring opnieuw in dienst. Vandaag ben je verplicht om nieuwe mensen helemaal op te leiden in het bedrijf zelf. Schoolse opleidingen bestaan er nauwelijks. Zeker niet in het aanbrengen van leien, wat wij hier doen. Een heel specifieke branche, waar toch bepaalde vereisten aan verbonden zijn. Het is secuur werk, waar je handig in moet zijn. Je moet er ook veel bij nadenken, want het is niet zomaar leien vastkloppen. Je mag uiteraard ook geen hoogtevrees hebben. We hebben bijvoorbeeld het dak van de kathedraal in Antwerpen hersteld op 92 meter hoogte… Dan merk je toch dat het werk niet voor iedereen is weggelegd. En natuurlijk moet je in weer en wind aan de slag willen zijn. Persoonlijk maakt mij de zomer of winter niet zoveel uit. Zolang het maar niet regent, is het OK!"

Callcenter-medewerker: "Werkomgeving is belangrijk"

Michelle Beckers is personeelsverantwoordelijke bij Offitel in Genk, waar meer dan 50 callcenter-operators werken. "We weten dat collega's in de markt last hebben om goede medewerkers te vinden. Dat komt vooral door de slechte reputatie die onterecht met onze sector geassocieerd wordt. Er is nog steeds een algemeen beeld dat mensen in een callcenter als kippen in een legbatterij naast elkaar zitten en de hele dag lang voor één klant klachten moeten behandelen of harde verkoop moeten doen. Hier is dat totaal anders. In onze cel Inbound nemen we de telefoon op voor zo'n 900 klanten. We noteren afspraken voor dokters, nemen reservaties voor restaurants aan, beantwoorden oproepen na sluitingstijd van bedrijven, enzovoort. Variatie genoeg dus. Dat geldt ook voor de cel Outbound, waar datachecks gebeuren, tevredenheidsenquêtes worden gedaan en promoties worden voorgesteld aan mensen die zich hiervoor opgegeven hebben. Bovendien ziet ons gebouw eruit als een gewoon kantoor en wordt er veel aandacht besteed aan de goede sfeer onder de collega's. Het valt bij ons dus wel mee om nieuwe mensen te vinden. Al moet de job zeker niet onderschat worden. Sollicitanten denken wel eens dat telefoneren iets is wat iedereen kan. Niet dus. Dit is echt wel een vak waar je voor moet gemaakt zijn."

Slager: "Van vele markten thuis zijn"

Nog een knelpuntberoep is dat van slager. Mensen zoals Geert Vaes uit Zonhoven zijn een uitstervend ras. "Het is een kwestie van vele uren te draaien, fysiek in orde te zijn en ook voldoende technische vaardigheden te hebben", weet Geert Vaes, die in 1996 de zaak overnam van zijn vader. "Het aantal jongeren dat nog via de school het vak leert, loopt zienderogen terug. Slagers die een stagiair kunnen krijgen, mogen al van geluk spreken. En van die mensen houdt niet iedereen het vol. Want het is vaak opstaan om 5 of 6 uur 's morgens en laat doorwerken, ook in het weekend en op feestdagen. De moeilijkheidsgraad is nu hoger dan vroeger, aangezien slagers vaak ook traiteur- en cateringdiensten verzorgen, zoals barbecues en andere feesten. Dan moet je niet alleen vlees kunnen versnijden, maar ook videe, spaghettisaus, stoofvlees en andere kant-en-klare gerechten kunnen maken. Wie in dit beroep hard wil werken, kan wel nog goed zijn boterham verdienen. Met een diploma van slager zal je niet lang werkloos blijven. De belangrijkste vereiste is wel dat je het werk graag doet. Wie niet met volle goesting naar de slagerij vertrekt, houdt het nooit vol. Maar dat geldt allicht voor veel beroepen."

Kapper: "Stiel wordt onderschat"

"Van de 13 klasgenoten waar ik mee afgestudeerd ben, werken er momenteel 5 of 6 als kapster", zegt Daisy Buckinx, die op de Kempische Steenweg het filiaal van kappersketen Vice Versa runt. "Het beroep wordt dus onderschat, zelfs door mensen die al vele stages achter de rug hebben. Je moet sociaal zijn en met de klanten een babbeltje kunnen slaan. Je moet de hele dag kunnen rechtstaan. En de werkuren zijn niet voor iedereen evident. We zijn iedere dag laat open en werken op volle capaciteit in het weekend en op feestdagen. Om nog te zwijgen van de technische kennis die je in de vingers moet hebben." Bij Vice Versa zijn er oplossingen om de instroom van nieuwe medewerkers te bevorderen. "Mensen kunnen hier kiezen hoeveel uren ze werken", aldus Daisy. "Er is ook een eigen opleidingscentrum, waar jongeren worden klaargestoomd tot volwaardige kapsters. Eens ze in de salons arriveren zijn ze voldoende getraind om zelfstandig te kunnen werken. We krijgen ook veel back-up van de directie, die vele lasten wegneemt, zodat wij kunnen focussen op de dienstverlening naar de klanten. En dat goed kunnen doen, maakt ons beroep juist zo interessant."