NMBS-topman krijgt premie van 800.000 euro bij vertrek

Als Jannie Haek, grote baas bij de NMBS-Holding, geen nieuwe plaats krijgt in de nieuwe structuur die vanaf 1 januari 2014 in voege treedt, dan krijgt hij een vergoeding van 800.000 euro mee. Pikant detail: die premie heeft hij zelf mee bepaald.

drombouts

Ook voor drie van de vier directeurs-generaal is een leuke regeling uitgewerkt. Dat blijkt uit het jaarverslag van 2012. Hoewel ze in 2014 mogelijk weg moeten, worden ze doorbetaald tot aan het einde van hun mandaat, dat nog vijf jaar loopt. We spreken dan over een gemiddeld bruto maandloon van 34.000 euro, beheerspremies en bedrijfswagen inbegrepen, plus groepsverzekering. Het gaat om ex-vakbondsman Michel Bovy, Sven Audenaert en Michel Alle. Voor de vierde is een aparte regeling uitgewerkt.

Jannie Haek (foto) zélf verdiende in 2012 bruto 512.103,74 euro. Daarin zit een beheerspremie voor 2011 van 100.000 euro. Toegekend op basis van dertien criteria die hij zelf via het Benoemings- en Bezoldigingscomité heeft opgesteld.

Dit lokt kritische commentaren uit binnen de NMBS-Holding zélf. Een ingewijde, die dicht bij de NMBS-top staat en anoniem wil blijven: "Jannie Haek evalueert zichzelf, bepaalt zelf zijn premie en zijn eventuele vertrekvergoeding. De raad van bestuur keurt dat allemaal goed en dat zonder over de nodige informatie te beschikken. Bovendien wordt de raad van bestuur bevolkt door mensen die door hun partij zijn aangewezen. Als 'snoepje', niet vanwege hun kennis van spoorwegzaken."

"Schuld van regering"

"Ik kan niet anders dan vaststellen dat het goed gaat met de openbare financiën in België", zegt Herman Matthijs, een specialist ter zake, met veel zin voor ironie. "Maar dat is natuurlijk de schuld van de regering. Zij laat dat allemaal toe via de raad van bestuur die door haar politiek is samengesteld. In feite onderhandelt de regering met zichzelf wanneer het over overheidsbedrijven gaat."

"In principe kan de regering, indien zij dat wenst, die ontslagvergoedingen nog veranderen. Verlaging van de vergoedingen en de premies zou zelfs niet onlogisch zijn. De prestaties van de spoorwegen naar de klanten toe zijn niet bepaald schitterend te noemen. Ik kan er persoonlijk van meespreken", zegt professor Matthijs.

Paul Geudens

Foto Belga