Gemeenten moeten gevonden fietsen nog maar 3 maanden bewaren

De gemeenten moeten in de toekomst gevonden fietsen nog maar drie maanden bewaren, in plaats van zes nu. Dat besloot de Kamercommissie Justitie zopas unaniem op voorstel van Renaat Landuyt (sp.a). N-VA en VB onthielden zich.

jdewit

Door een wet uit 1975 moeten gemeentebesturen gevonden voorwerpen zes maanden bewaren. Ook fietsen zijn in dat geval. Het gaat dan meestal om gestolen fietsen die door een gelegenheidsdief zijn achtergelaten.

Jaarlijks zouden zo'n 150.000 fietsen gestolen worden, of 400 per dag. De politie telt slechts 37.000 fietsdiefstallen, maar het werkelijke aantal zou ook volgens de politie zeker vier keer zo hoog liggen. Een aantal van deze gestolen fietsen wordt maar één keer gebruikt en dan achtergelaten. De gemeenten moeten die ophalen en zes maanden stockeren in afwachting dat de eigenaar ze komt ophalen.

Grote bergruimtes

"Een fiets heeft 1m² opslagplaats nodig. We moeten dus grote bergruimtes huren en dat kost de gemeenten veel geld. In Antwerpen werden tussen november 2010 en december 2011 1.735 fieten "verwerkt", in Leuven werden in 2011 3.642 fietsen opgehaald door de politie, in Gent 7.291", aldus Landuyt.

"In de praktijk meldt de rechtmatige eigenaar zich toch binnen de maand. Na drie maanden gebeurt dat nog heel zelden. Door de bewaartermijn in te korten kunnen de gemeenten heel wat kosten besparen in budgettair moeilijke tijden", aldus Landuyt, die deze wet "historisch" noemde "omdat ze geld bespaart". In Brugge alleen zou deze wet 100.000 euro besparen.

JDW Archieffoto PhotoNews

Meer over Renaat Landuyt