De mozaïekwet over de uitstellen van wetten

Print
8 JANUARI 2013 - De wet op de internering wordt uitgesteld tot 2015. De strafuitvoeringsrechtbanken worden pas in 2015 bevoegd voor de korte straffen en ook dan worden de gemeentelijke strafregisters afgeschaft. Dat zijn enkele van de uitstellen uit de nieuwe mozaïekwet voor justitie, die sinds 1 januari van kracht is. Tegelijkertijd worden de kamers tegen de gerechtelijke achterstand bij de hoven van beroep, die eenmalig moesten zijn in 2001, voor de twaalfde keer verlengd en krijgen alle rechtbanken één rechter, één griffier en één substituut bij om het snelrecht te organiseren. De wet werd zonder problemen en in alle stilte goedgekeurd net voor Kerstmis.

Mozaïekwetten zijn wetten over totaal uiteenlopende onderwerpen, al dan niet binnen één beleidsdomein. Minister van Justitie Annemie Turtelboom (Open Vld) liet al einde november een eerste mozaïekwet goedkeuren. Daardoor verdubbelden de straffen voor geweld tegen buschauffeurs, werd het elektronisch toezicht ingevoerd als autonome straf, werden de historische wapens vergunningsplichtig en kregen de slachtoffers meer rechten. (Zie: hier, nvdr). Net voor het eindejaar kwam de minister met een tweede mozaïekwet, die vooral opviel omdat ze de inwerkingtreding van een reeks wetten, die al in 2006 waren goedgekeurd, uitstelde.

Minister van Justitie Annemie Turtelboom gaf toe dat het weinig elegant is om wetten te stemmen en die dan daarna weer uit te stellen omdat er geen geld voor de uitvoering is. "Maar al deze wetten dateren van voor mijn bewind. Van bij mijn aantreden heb ik gezegd dat ik nooit een maatregel zal nemen zonder dat daarvoor onvoldoende geld is uitgetrokken", zo verrechtvaardigde ze zich.

In dit stuk brengen we een overzicht van de belangrijkste bepalingen uit de nieuwe mozaïekwet. We behandelen o.a.: de korte straffen; de internering; de jeugdbescherming; het centraal strafregister; de kamers tegen de gerechtelijke achterstand; het snelrecht en de strijd tegen de fiscale fraude...

 

1. KORTE STRAFFEN EN STRAFUITVOERINGSRECHTBANKEN

 

De strafuitvoeringsrechtbanken zullen pas vanaf 1 september 2015 bevoegd worden voor de korte straffen onder de drie maanden.

Door een wet van 17 mei 2006 werden de strafuitvoeringsrechtbanken (SURB's) belast met de uitvoering van alle straffen. Zij zouden dit doen in plaats van de minister van Justitie. De regeling kwam er na de zaak-Dutroux, omdat een vorige minister van Justitie (Melchior Wathelet senior) de kindermoordenaar voorwaardelijk had vrijgelaten en de politici afwilden van deze bevoegdheid voor ministers. Sinds dan beslist dus de SURB, maar voorlopig alleen voor de kleine minderheid van straffen boven de 3 jaar. Voor de straffen onder de drie jaar blijft de minister van justitie bevoegd. Dat besloot men in 2008 toen de overheveling van de korte straffen voor een eerste maal werd uitgesteld. Toen nog tot 1 januari 2013.

De minister van Justitie beslist momenteel bij circulaire over de uitvoering van de korte straffen. Het wordt dus niet individueel geval per geval bekeken. Fouad Belkacem, de leider van het ontbonden Sharia4Belgium, is daarop tot op heden de enige uitzondering. Wat zeggen de circulaires?

Straffen onder de zes maanden worden momenteel helemaal niét meer uitgevoerd. Volgens de recentste cijfers (april 2010) van het college van procureurs-generaal gaat het om 19.036 straffen.

Straffen tussen zes maanden en drie jaar worden niet meer in de gevangenis uitgevoerd, als ze eenmalig zijn. Als één veroordeelde zoveel korte straffen cumuleert dat het totaal boven de drie jaar uitkomt, dan worden hij wel nog opgesloten. Dat is zo voor ruim 900 gedetineerden. Doorgaans worden de korte straffen echter omgezet in elektronisch toezicht. In juni 2012 wachtten zo'n 2.742 veroordeelden op een elektronische enkelband. Er zitten zo'n 1.400 gevangene op elektronisch toezicht. Het is dus niet overdreven om te zeggen dat slechts een minderheid van de straffen onder de drie jaar wordt uitgevoerd.

Als de SURB's bevoegd zouden worden voor die straffen, dan zou een rechter in ieder individueel geval moeten beslissen wat er gebeurt. Dat zou niet alleen extra strafuitvoeringsrechters vereisen, maar ook veel meer cellen en enkelbanden.

Het onderdeel van de wet waardoor de SURB's bevoegd worden voor straffen onder de drie jaar werd al herhaaldelijk uitgesteld. Toenmalig Open Vld-voorzitter Alexander De Croo had nochtans in 2012 aangekondigd dat de SURB's snel bevoegd zouden worden voor de korte straffen. Hij riep de kiezers zelfs op om Open Vld af te rekenen op de uitvoering van de korte straffen. De Croo had zijn verklaringen nog maar pas gedaan of Carina Van Cauter (Open Vld) diende in juli 2012 een voorstel in om de overheveling van de korte straffen naar de SURB's...uit te stellen van 1 januari 2013 tot 1 september 2013 (zie: hier, nvdr). Toen dacht men nog dat dit uitstel zou volstaan. Nu denkt men dat niet meer. Minister Turtelboom stelt die overheveling nog wat verder uit: tot 1 september 2015. Na de volgende verkiezingen dus. Open Vld scoort hier geen goede punten. Maar men moet nuanceren: de uitvoering van de korte straffen staat of valt natuurlijk niet met de toewijzing van die korte straffen aan de SURB's. Of de korte straffen worden uitgevoerd is niet hetzelfde als wié die korte straffen uitvoert: de minister of de SURB.

Als redenen voor het nieuwe uitstel gaf Turtelboom op: er is geen geld uitgetrokken voor het extra personeel, er zijn technische wijzigingen aan de wet op komst (welke werd - ondanks herhaald aandringen van meerdere fracties - niet gezegd), er is een "denkoefening" gestart om de aanpak van straffen onder de drie jaar grondig te herzien.

 

2. INTERNERING

 

Ook de nieuwe wet op de internering van 2007 wordt uitgesteld van 1 januari 2013 tot 1 januari 2015. Ook zij is voor de volgende regering, ondanks herhaalde veroordelingen van België voor opsluiting van de geïnterneerden in de gevangenissen.

In 2007 keurde het parlement op initiatief van justitieminister Laurette Onkelinx (PS) een nieuwe wet op de internering goed. Geïnterneerden zijn psychisch zwaar gestoorde criminelen die gevaarlijk zijn en moeten worden behandeld in een gesloten instelling. Maar momenteel is er geen behandeling en zitten nu al meer dan 1.100 geïnterneerden gewoon in de gevangenissen. België is al enkele keren door het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg veroordeeld omdat het zijn geïnterneerden niet behandelt. De wet van 2007 moest de wettelijke basis voor die behandeling bieden, maar ze is nog altijd niet van kracht.

Turtelboom zegde dat ze de wet wil herzien, deels omdat dit moet van het Grondwettelijk Hof en deels omdat de sector daarop aandringt. De wet is al te veel afgekeken van die over de rechtspositie voor gedetineerden en de procedure is daarvoor veel te log. Ook zou ze in Vlaanderen veel moeilijker toepasbaar zijn dan in Wallonië. De minister zegde dat ze een reparatiewet voorbereidt en in de Senaat werkt ook Bert Anciaux (sp.a) aan een voorstel. Die reparatie moet gebeuren vooraleer de wet in werking treedt. Dat is slechts één van de redenen van het nieuwe uitstel.

"Bovendien moeten nog meerdere uitvoeringsbesluiten geschreven worden. Zo moeten nog criteria opgesteld worden om psychiaters te erkennen, verder moeten de veiligheidsvoorwaarden voor de nieuwe instellingen om geïnterneerden te behandelen in Gent en Antwerpen nog worden vastgelegd. Ook moeten de strafuitvoeringsrechtbanken nog extra personeel krijgen. En voor dit laatste is er geen geld in de begroting van 2013", zo zegde Turtelboom.

 

3. DE JEUGDBESCHERMING

 

Verder gaan enkele onderdelen van de wet op de jeugdbescherming van 1 januari 2013 naar 1 januari 2014.

Door de nieuwe wet op de jeugdbescherming van juni 2006 kan de jeugdrechter een criminele minderjarige in een gesloten instelling plaatsen tot hij 23 jaar oud is. Die bepaling moest al op 1 januari 2011 in werking treden. Tot die datum was de maximumleeftijd nog 20 jaar. De Gemeenschappen, die de wet op de jeugdbescherming moeten uitvoeren, hadden tijd nodig om plaatsen voor die jonge boefjes te creëren. Ze kregen daarvoor vier en half jaar. Vandaar het uitstel tot januari 2011. Omdat de Franse Gemeenschap, waar de groenen zeer sterk staan, niet akkoord ging met deze bepaling van de jeugdbeschermingswet stelde het parlement ze al eens uit tot 1 januari 2013. Ondertussen blijft de Franse Gemeenschap deze wet blokkeren en dus komt er een uitstel tot 1 januari 2014.

Ook de mogelijkheid die de jeugdrechter vanaf 1 januari 2011 zou krijgen om psychisch gestoorde minderjarigen rechtstreeks in een jeugdpsychiatrische inrichting te plaatsen of om hem een ambulante psychiatrische behandeling, ontwenningskuur of een opleiding te doen volgen of hem onder begeleiding een sociale prestatie te laten leveren werd uitgesteld tot eerst tot 1 januari 2013, nu tot 1 januari 2014. De Gemeenschappen hadden aan vijf jaar blijkbaar niet voldoende om plaatsen in de jeugdpsychiatrie te scheppen. Aan zes jaar ook nog niet. Want na zes jaar zijn er in Franstalig België nog niet voldoende plaatsen om "uithandengegeven minderjarigen", die naar de rechter voor volwassenen zijn doorgestuurd, op te sluiten.

Minister Turtelboom gaf als verdere reden voor dit uitstel op dat de wet op de jeugdbescherming door de zesde staatshervorming wordt overgeheveld naar de gemeenschappen. Zij zullen in de toekomst zelf kunnen beslissen welke maatregelen ze opleggen aan minderjarigen, wanneer ze een minderjarige in een gesloten instelling zoals Mol zullen plaatsen en wanneer ze hem doorsturen naar de gewone rechter voor volwassenen. De hervorming van de jeugdbescherming moet vanuit die optiek worden bekeken.

 

4. STRAFREGISTER

 

Ook de afschaffing van de gemeentelijke strafregisters en de aansluiting van de gemeenten op een Centraal Strafregister, die vorig jaar nog tegen 31 december 2012 werd aangekondigd, wordt uitgesteld naar 31 december 2014. Naar de volgende regering dus. "De gegevens van de politierechtbanken kunnen slechts voor 70% automatisch worden ingevoerd en vandaar de vertraging", zo luidt het nu.

 

5. GERECHTELIJKE ACHTERSTAND

 

Ook voor de magistratuur verandert er een en ander. Maar één ding blijft alvast hetzelfde. De tijdelijke kaders om de gerechtelijke achterstand bij de hoven van beroep terug te dringen worden alweer verlengd. Ze werden in 2001 "eenmalig" ingevoerd nadat het Grondwettelijk Hof in 1999 had beslist dat tijdelijke kamers "slechts heel uitzonderlijk aanvaardbaar zijn". Sinds 2001 werden ze ieder jaar verlengd. Vorig jaar "voor de allerlaatste keer". Renaat Landuyt (sp.a), die in 2010 al tegen de verlenging had gestemd, stemde in 2011 voor omdat zijn partij van oppositie naar meerderheid was verhuisd. Maar dit zou voor hem toen "de allerlaatste keer zijn". In de nieuwe mozaïekwet worden ze alweer voor de elfde keer verlengd met steun van Landuyt. Maar dit is de "aller-, allerlaatste keer"! Het gaat om 32 betrekkingen (28 raadsheren en 4 substituten procureur-generaal).

De reden is nu dat de werklastmeting nog niet klaar is en dat het onzinnig zou zijn om raadsheren die tot de vermindering van de gerechtelijke achterstand hebben bijgedragen niet in hun functie te verlengen. De gerechtelijke achterstand in burgerlijke zaken daalde bij de hoven van 64.000 in decmeber 2000 naar 38.445 in 2010, zo meldde minister Turtelboom. Ze zegde dat de werklastmeting tegen april 2013 tot een eindrapport moet leiden, althans voor de hoven van beroep en de parketten-generaal. Pas daarna komen de rechtbanken van eerste aanleg aan bod.

De minister gaf in reactie op kritiek toe dat de gerechtelijke achterstand in Brussel erg hoog blijft. Hij is volgens haar "weliswaar gezakt van 23.000 in 2000 tot 11.000 nu", maar dat is nog te veel. "Dat komt omdat Brussel meer assisenzaken heeft en ook meer complexe zaken. Bovendien zijn bepaalde zaken uitsluitend aan de Brusselse rechtbanken toegewezen, ze hebben dus meer werk". De minister denkt dat haar hervorming die het aantal gerechtelijke arrondissementen van 27 naar 12 moet herleiden, een positieve invloed kan hebben omdat de rechtbanken dan meer autonomie krijgen. Ook kan de versnelde werklastmeting voor het gerechtelijk arrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde, die aan een privé-organisatie is uitbesteed, een versnelde dynamiek teweeg brengen.

 

5. SNELRECHT EN FISCALE FRAUDE

 

Er komen 12 rechters, 12 substituten en 12 griffiers bij om het snelrecht te organiseren en de fiscale fraude beter te bestrijden. Dat is er één per provincie. De snelrechtkamers komen (voorlopig) in de provinciehoofdsteden, behalve in Henegouwen, waar ze in Charleroi komen.

Daarnaast krijgt ieder Hof nog één fiscaal substituut bij. Die wordt toegevoegd aan het parket van de hoofdplaats van het Hof (Antwerpen, Gent, Luik, Bergen, Brussel).

Turtelboom motiveerde die veranderingen door de positieve evaluatie van de experimenten met snelrecht in Gent, Antwerpen en Brussel. Die resultaten werden tot ergernis van de parlementsleden van Groen en N-VA nooit publiek gemaakt of besproken in het parlement. En dat gebeurde ook nu niet. Wel zegde de minister dat "in Brussel de redactionele kwaliteit van de processen-verbaal duidelijk is verbeterd en dat de advocaten tevreden zijn over de snelle voortgang van de zaken. Dat verhoogt de doeltreffendheid van de straffen". Voor Antwerpen luidde het dat "vooral illegaal wapenbezit, kleine drugscriminaliteit en betrapping op heterdaad (bedoeld is: winkeldieven die op heterdaad worden betrapt, nvdr) worden bestraft, wat goed overeenkomt met de heersende opvatting over snelrecht".

Er komt een protocol om ervoor te zorgen dat de gelden en personeelsleden die voor snelrecht worden uitgetrokken daarvoor ook effectief worden gebruikt.

De uitbreiding van het aantal fiscale subsituten werd dan weer gevraagd door de Commissie Georganiseerde Fiscale Fraude. Ze zijn nodig voor het uitwerken van de "una via-procedure", waarbij ofwel de fiscus ofwel het parket een fiscale fraude vervolgt, maar niet meer beide samen. Ze zijn ook nodig voor de toepassing van de minnelijke schikkingen.

 

6. VORMING VAN RECHTERS

 

De financiële middelen van het Instituut voor Gerechtelijke Opleiding, dat de vorming van de magistraten organiseert, zouden normaal gezien automatisch met 0,25% verhogen van 2012. En dat gedurende vier jaar. Maar voor de jaren 2012 en 2013 wordt die verhoging alvast geblokkeerd om budgettaire redenen.

 

7. GEVANGENIS VAN HAREN

 

Er komt een staatswaarborg voor de firma's die de nieuwe Brusselse gevangenis van Haren ontwerpen, financieren, bouwen en onderhouden. Hiertegen was vooral protest van Bert Schoofs (VB), die het ongehoord vond dat men staatswaarborgen invoert op een ogenblik dat er overal bezuinigd wordt.

 

8. BEDENKINGEN

 

Deze nieuwe mozaïekwet is geen fraaie bedoening. Het is een schoolvoorbeeld van hoe een justitiebeleid niet moet. Zeker op het vlak van de uitstellen. Maar het zou fout zijn om minister Turtelboom daarvoor met alle zonden van Israel te beladen. Want zij heeft een puinhoop geërfd en neemt de beslissingen die zich opdringen.

Heel wat uitstellen zijn immers het gevolg van tegenwerking van elders. De hervorming van de wet op de jeugdbescherming is eigenlijk beperkt, véél te beperkt, maar toch saboteert de Franse gemeenschap haar nu al vele jaren. De interneringswet kan niet uitgevoerd worden omdat de instellingen van Gent en Antwerpen niet klaar zijn. Antwerpen moest al klaar zijn tegen 2009, maar hier werkte het vorige schepencollege tegen en dat leidde tot vertraging. In de zaak van de korte straffen namen de opeenvolgende parlementen geen initiatieven en werd met standpunten die strafuitvoeringsrechters zoals Freddy Pieters al in 2007 formuleerden geen rekening gehouden (zie hier voor deze kritiek, nvdr). De informatisering van justitie is een lijdensweg waarin een kat haar jongen niet meer vindt en dat leidt tot problemen met de strafregisters. Om snelrecht werd veel geroepen in de media en op politieke fora, maar sinds het Grondwettelijk Hof het snelrecht van Marc Verwilghen (Open Vld) naar de prullenmand verwees gebeurde er tot op heden niets.

Maar vooral: de regering wil eigenlijk geen echte prioriteit van justitie maken. Haar besparingslogica is lineair voor alle departementen, ze wil haar financiële middelen niet herschikken en daardoor wordt de jarenlange scheefgroei ten nadele van justitie bestendigd. Dat probleem wordt nog versterkt doordat de minister van Justitie niet zelf in het kernkabinet zit en daardoor een hefboom mist om op tafel te slaan.

Dit neemt niet weg dat het beleid wel wat meer onderbouwd had mogen zijn. Zo had de minister wél het onderzoek over de functionering van het snelrecht publiek mogen maken en ter bespreking moeten voorleggen aan het parlement. Ook valt niet te begrijpen waarom ze niet uitlegt wat ze precies wil veranderen aan de interneringswet of aan de wet op de strafuitvoeringsrechtbanken. Haar wetsontwerpen zouden alleen maar beter worden door een openbaar debat hierover. De Kamercommissie Justitie doet echter ook niet veel moeite om dit allemaal op te eisen. Vaak kunnen de leden van de meerderheid niet eens voldoende in aantal zijn om zaken te bespreken. En de tijd van de Commissie-Erdman, toen nog veel juridische kleppers in de Commissie zaten (ook in de Senaat trouwens) is echt wel voorbij.

 

*****************************************

 

 

Lees ook:

 

De eerste mozaïekwet van Annemie Turtelboom

Turtelboom wil korte straffen uitvoeren

Open Vld laat uitvoering korte straffen uitstellen tot 1 september 2013

Na 1 jaar nog veel kritiek op strafuitvoeringsrechtbanken

Kamer keurt strafuitvoeringsrechtbanken goed

Senaat keurt strafuitvoeringsrechtbanken goed

Het probleem van de geïnterneerden in de gevangenis

De wet-Onkelinx van 2007 over de internering

De wet op de jeugdbescherming van 2006

Geen leeftijdsgrens voor jeugdcriminelen meer

Wat zegt de Una Via-wet?

De voorstellen van de Kamercommissie Georganiseerde Fiscale Fraude

 

*****************************************

 

 

Het dagelijkse nieuws over het justitiebeleid vindt U door in de functie "zoeken" rechtsboven op deze site de letters JDW in te tikken.

 

 

*****************************************