"Vertrek DSK is belangrijke kans voor hervormingen"

Europa schuift snel Christine Lagarde naar voren als kandidaat-voorzitter van het IMF, maar lang niet iedereen is daar even enthousiast over. Het is tijd voor een kandidaat uit een andere regio, klinkt het, en die moet via een transparant proces gekozen worden.

ibroeksteeg

Sinds de verkiezing van de Belg Camille Gutt als eerste hoofd van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) in 1946 is Europa altijd de topfunctie blijven opeisen. Na het ontslag van Strauss-Kahn donderdag was dat niet anders: Europa schaart zich haastig achter de Franse minister van Financiën Christine Lagarde foto rechts) als kandidaat, die daarmee de eerste vrouw zou worden.

Groeilanden

Maar veel organisaties en groeilanden zouden liever een andere kandidaat zien. Volgens James A. Paul, directeur van het Global Policy Forum in New York, is het vertrek van Strauss-Kahn een belangrijke kans. “Er is op zijn minst de mogelijkheid dat het hoofd van het IMF van buiten Europa komt, en dat hij of zij op een transparante manier gekozen wordt”, zegt hij.

Paul wijst erop dat de grote internationale financiële instituten altijd gecontroleerd werden door de VS en Europa. In de jaren veertig kwamen de twee overeen om Europa de top van het IMF te gunnen, en de leiding van de Wereldbank aan een Amerikaan over te laten.

Dat is een groot verschil met de functie van secretaris-generaal bij de Verenigde Naties, die roteert tussen verschillende regio’s: Europa, Afrika, Azië en Latijns-Amerika.

Kandidaten uit Turkije, Zuid-Afrika en India

Volgens Paul zijn enkele interessante kandidaten genoemd uit landen als Turkije, Zuid-Afrika en India. “Maar plots krijgen we te horen dat Christine Lagarde frontrunner is”, zegt Paul, die toegeeft dat een vrouw aan het hoofd van het IMF een belangrijke stap zou zijn. “Maar het is tijd dat we een ernstige selectieprocedure uitdokteren, die kandidaten uit alle regio’s in de wereld toelaat, en niet altijd hetzelfde soort voorgekookte kandidaten.”

Europa benadrukt dat een Europeaan nodig is om de economische crisis in Europa het hoofd te bieden. Maar journalist Chakravarthi Raghavan van Third World Economics veegt dat argument van tafel. “Dat is precies een argument om een niet-Europeaan te kiezen en het internationale financiële systeem veilig door die crisis te leiden”, zegt hij.

Hetzelfde argument werd in de jaren tachtig immers gebruikt om ontwikkelingslanden, die leningen hadden lopen bij de bank, niet toe te laten de bank te controleren, zegt hij. “Dezelfde logica geldt nu dus ook. Ik ben onzeker over de kansen op slagen van de andere kandidaten, maar de ontwikkelingslanden moeten aan een zeel trekken.”

Een anonieme diplomaat bij de VN acht de kans klein dat Europa de positie verliest. Europa, Japan en de Verenigde Staten hebben samen een meerderheid van de stemmen binnen het IMF. “Maar dat neemt niet weg dat de BRIC-landen (Brazilië, Rusland, India, China en Zuid-Afrika) of andere landen ook goede kandidaten kunnen voorstellen.”

Weinig stemrechten voor China en India

Er gaan niet alleen stemmen op om ook kandidaten uit andere regio’s toe te laten, maar ook om het selectieproces veel transparanter te maken. Een wereldwijde coalitie van organisaties, waaronder ActionAid, Oxfam en het Bretton Woods Project, eist een “eerlijk, transparant proces dat gebaseerd is op de verdiensten van een kandidaat.”

“De enige manier om het nieuwe hoofd van het IMF legitimiteit en autoriteit te geven, is een open stemming, waarbij de winnaar erkend wordt door de meerderheid van de landen, en niet gewoon een meerderheid van de stemmen.”

In het huidige systeem moet de winnaar 85 procent van de stemmen halen. Maar die stemmen zijn ongelijk verdeeld. De Verenigde Staten beschikken bijvoorbeeld over 16,7 procent van de stemmen, Japan beschikt over 6 procent en Duitsland over 5,8 procent. Landen als China en India hebben respectievelijk maar 3,8 procent en 2,35 procent van de stemrechten.

Beeld: Photonews