Uitheems
25/11/'11
Graffiti
Aflevering nr. 1143 - Door het raam keek ik naar de tuin die in mist gehuld
was. De Japanse esdoorn was de enige boom die nog
een kruin vol bladeren had. Het is een exoot - hij werd
door de mens in onze streken ingevoerd. Misschien dat hij
daarom het noorden kwijt is en niet beseft dat het nu tijd is
om z’n bladeren te laten vallen.
* * *
Mijn vrouw is zondag naar haar moeder in Californië gereisd
– de derde donderdag van november vieren de Amerikanen
altijd ‘Thanksgiving’. Het feest herdenkt hoe de Europese
inwijkelingen uit Engeland destijds - dankzij de hulp van de
plaatselijke bevolking - hun eerste winter in de nieuwe wereld
hebben overleefd. Als de indianen toen geweten hadden dat die
vreemdelingen de autochtone bevolking uiteindelijk zouden
verdringen en zelfs proberen uit te roeien, was de verwelkoming
ongetwijfeld minder hartelijk geweest.
* * *
Uitheems: buitenlands, vreemd; (gewestelijk) raar,
zonderling.
Van Dale, p. 3.724
* * *
Drie weken lang zijn m’n zonen en ik nu ‘baas van ’t kot’. Leuk,
maar na een paar dagen begint het hier en daar al een beetje mis
te lopen in het huishouden. Het probleem is dat ieder van ons er
andere ideeën op nahoudt over welke dingen waar thuishoren.
M’n oudste kon zijn broek niet vinden: “Papa, waarom ligt er
eigenlijk een witlofstronkje in de vuile was?”
* * *
Zaterdag wandelde ik door het bos. Aan een boom hing een
A4’tje van Natuurpunt met uitleg over de werken die er door
vrijwilligers uitgevoerd worden: ‘Wij zijn momenteel bezig met
de bestrijding van Amerikaanse eiken en Amerikaanse vogelkers.
Hun naam verraad (sic) al dat het om ingevoerde bomen
gaat. Ze werden ingevoerd ten behoeve van de houtindustrie.
Het zijn snelgroeiers die voor meer opbrengst moesten zorgen.
Deze snelgroeiende bomen waren interessant in de bosbouw.
Het voordeel van de boom is echter een nog groter nadeel. Door
hun groeikracht overheersen deze bomen op zeer korte termijn
onze natuurlijk bossen en palmen ze ook andere landschappen
in. Voor ons een reden om ze hier te weren.’
Exoten kunnen voor de plaatselijke natuur een bedreiging
vormen, niet alleen bij ons. In Amerika was de invoering van de
Europese spreeuw zeer nefast voor natuur en landbouw - van
de zestig geïmporteerde exemplaren die in 1890 in New York
werden losgelaten, zijn er nu 200 miljoen afstammelingen.
Het is een gevaarlijke stap om dit verhaal over schadelijke
migratie naar de mens uit te breiden. Als je in de slotzinnen van
de tekst van Natuurpunt enkele woorden verandert, krijg je:
‘Door hun groeikracht overheersen deze mensen op zeer korte
termijn onze natuurlijke bevolking. Voor ons een reden om ze
hier te weren.’ Het discours van extreem-rechts.
* * *
Thanksgiving is naast een herdenking ook een oogstfeest –
mensen zijn dankbaar voor de vruchten van de landbouw.
Amerikanen vragen me soms hoe wij dat in Europa vieren.
Er wordt met verbazing en ongeloof gereageerd als ik uitleg
dat Thanksgiving bij ons niet bestaat. “We are an ungrateful
lot”, grap ik dan.
* * *
Voor een programma van de BBC reisde Monty Don - van
“Gardener’s World’ - de wereld rond om op ieder continent
interessante tuinen te bezoeken. Deze week was hij in Nieuw-
Zeeland.
Terwijl hij in een idyllisch Nieuw-Zeelands landschap op het
gras zat, merkte hij op dat álles wat hij zag uit Europa geïmporteerd
werd - zowel gras als bloemen, bomen en struiken.
Enkele uren van de hoofdstad verwijderd veranderde het
landschap, en zag hij een ‘treefern’ (boomvaren). Hij vond de
inheemse plant ‘distinctly exotic’...
* * *
Enkele weken geleden passeerden twee joggende vrouwen me
op m’n wandeling. De mevrouw links liet een neusdoekje vallen
toen ze voor me liep. Ik riep haar na dat ze haar neusdoekje
verloren was en dacht dat ze me dankbaar zou zijn. Maar
de vrouw reageerde niet, versnelde zelfs haar pas. Toen ik
het neusdoekje van dichterbij bekeek, begreep ik dat het een
papieren exemplaar was waarvan ze na gebruik wilde af zijn.
Een paar keer per week passeer ik dezelfde plek. Het witte
onding ligt er nog altijd – ik zie het al van tientallen meters
ver - een ‘eyesore’ heet dat in het Engels. Een ongewenste witte
introductie in een landschap van prachtige bruine herfsttinten.
In de daarop volgende dagen kwamen er zelfs zakdoekjes
bij - overal zie ik ze nu. Misschien allemaal van dezelfde jogger
die hier vaak komt wandelen?
Ik ergerde me er blauw aan. Hoe kan iemand nu zoiets doen?
Ik wind me ook op over lege colablikjes en chipszakjes – als
ze me te fel beginnen te ergeren, neem ik ze mee tot aan de volgende vuilnisbak. Beter voor m’n bloeddruk. Maar een vies
neusdoekje... daar trek ik de lijn.
Omdat het al weken niet geregend heeft, blijven die papieren
ondingen heel lang liggen. Alleen door mezelf eraan te herinneren
hoe ik in m’n leven ook al domme dingen gedaan heb,
kan ik wat vrede met de situatie vinden.
* * *
Het was een hete, zwoele nacht, maar zodra ze in bed lag, trok
Fuka-Eri de deken tot aan haar kin, alsof ze een scheidingsmuur
wilde bouwen tussen de buitenwereld en haar eigen wereld.
Haruki Murakami, 1Q84, p. 458
* * *
Nadat ik de mededeling van Natuurpunt over exotische bomen
die moeten geweerd worden had gelezen, en de vrijwilligers in
het bos bezig zag, vroeg ik me af waarom ze hun activiteiten
tot het verwijderen van vreemde bomen beperkten en de vieze
papieren zakdoekjes lieten liggen. Hopelijk staat die karwei
binnenkort op het programma.
* * *
Door het raam kijk ik naar de tuin die in mist gehuld is.
Plots springt er buiten - vlak voor m’n voeten - iets voorbij.
Een pad misschien? Blijkt een schattig winterkoninkje te zijn
– staartje in de lucht.
Het vensterglas houdt onze werelden van elkaar gescheiden.
Ik vorm geen bedreiging voor het fragiele diertje. Onze ogen
ontmoeten elkaar heel even. Het ga je goed, vogeltje.
Good luck en tot ziens.
Dr. Frans BAERT