Graffiti
Frans Baert ziet zichzelf als een strandjutter. Wekelijks laat hij zijn blik over het zand glijden, vindt iets - een vreemde steen, graffiti op de muur, een woord van een dichter, wijsgeer of bloedeigen zoon - en pleegt er een poëtisch, beschouwend stukje over.

Twijfels over België

10/09/'10 Graffiti Aflevering nr. 1084 - Terwijl m’n tandvlees door de verdoving begon te tintelen, bestudeerde de tandartsassistente de fiche met de geschiedenis van m’n tand - de kies die vandaag moest behandeld worden werd al in 1978 een eerste keer gevuld, en een paar jaar later opnieuw. De tand hield vervolgens stand tot hij tien jaar later moest ontzenuwd worden. Daarna ging het weer een hele poos goed met ‘m.

Bij een controle vijf jaar geleden vertelde mijn tandarts dat hij twijfels had over de overlevingskansen van de tand. Enkele maanden later brak een stuk af... Een nieuwe vulling was nodig om de kies te redden. De tandarts legde me uit dat als de tand het in de toekomst opnieuw zou begeven, een radicalere oplossing wellicht onvermijdelijk zou zijn.

* * *

Ik had er al foto’s van gezien, maar was er nog nooit geweest. De ‘Tombeau du Géant’ (‘Graf van de Reus’) - in de buurt van Bouillon - is een eiland dat in de loop der tijden door de meanderende Semois uit het landschap werd gesneden. Een van de mooiste plekjes die ik ooit in ons land heb gezien. De plaats werd als kostbaar natuurlijk erfgoed geklasseerd. Om er te geraken is wel een ander paar mouwen - een gps is geen luxe.
We volgden een landelijk wegje vol gaten en putten - ik bleef twijfelen of we wel in de juiste richting reden. Kon me niet voorstellen dat een tourbus zo’n verwaarloosde weg kon gebruiken. De bewegwijzering liet het soms afweten - we reden te ver en moesten terug.
Op de plek met panoramisch uitzicht over het eiland, waren de toeristische voorzieningen voor bezoekers minimaal - enkele houten banken, een telescoopkijker die met muntjes werkt, een bord met gebroken glas waaronder enkele uitgeregende foto’s. Het ‘bezoekerscentrum’ - in volle zomervakantie - was een dichtgetimmerd, vervallen houten huisje. De bezoeker kon hier niets leren over het ontstaan van deze merkwaardige plek. Op het internet geeft de toeristische dienst van de provincie er ook bitter weinig informatie over. Het is alsof men de ‘Tombeau du Géant’ geheim wil houden.
Natuurlijk is het heerlijk om als enige bezoeker in complete rust en stilte van zo’n prachtige plek te kunnen genieten. Stel je voor dat je als enkeling voor de Grand Canyon of Niagara Falls kon staan. Maar zo’n uniek natuurwonder in eigen land zou iedereen toch eens moeten kunnen zien. Bovendien kan een beetje toerisme de economie van de streek alleen maar ten goede komen.

* * *

‘Stella voelt er helemaal niks voor om haar leven overhoop te gooien, totdat haar huisgenootje haar overhaalt en ook meegaat. De twee zeggen de huur van hun Amsterdamse appartement op en vertrekken naar België. Ze kan niet tussen haar twee werelden kiezen, maar hoe lang houdt ze dit dubbelleven vol?’

Petra Kruijt, ‘Twijfels over België’,

paperback, 240 blz. €11,95


* * *

De Abdij van Orval is nog zo’n wonderlijke plek in Wallonië. Onbegrijpelijk dat ik nog nooit tot daar geraakt was.
Aan het klooster dat vandaag op enkele kilometers van de Franse grens staat, gaat een lange geschiedenis vooraf. De ruïnes stammen uit de tijd van de Franse Revolutie. In 1793 plunderden Franse troepen de abdij leeg en werden de gebouwen met kanonnen bestookt omdat men dacht dat de Franse koning er zich verborgen hield. De kloosterruïnes zijn vandaag een heel bijzondere plek om in rond te lopen en te mediteren. Nadat de gronden in de jaren twintig aan de Trappisten teruggeschonken werden, besloot een Gentenaar - abt Dom Marie-Albert van der Cruyssen - om een nieuwe abdij te bouwen. De Gentse architect Henry Vaes tekende de plannen. Vaes ontwierp ook het mooie flesje van het Orvalbier.

* * *

Terwijl ik op een stukje chocolade knabbelde, voelde ik iets tussen m’n tanden kraken. Ijzervijlsel misschien? Ik spoelde m’n mond uit, keek in de spiegel en zag dat de bewuste kies het opnieuw begeven had. Ik maakte een nieuwe afspraak bij de tandarts. Na meer dan dertig jaar tandheelkundige ingrepen was het nu misschien tijd voor die radicalere oplossing waarover hij eerder gesproken had...

* * *

In de abdij van Orval werden we rondgeleid door een Waalse gids die perfect Nederlands sprak. De man toonde ons de bron met het heldere water waarmee het trappistenbier gebrouwen wordt. “Daar heb ik al vele liters van gedronken,” grapte ik, want ik ben gek op de trappist van Orval. De gids kon er niet mee lachen - misschien had hij dat grapje al te vaak gehoord.
De man nam ons vervolgens mee naar een gebouw dat in de jaren dertig gerestaureerd werd: “De abt wilde enkel Vlaamse arbeiders omdat het werk met de Waalse niet opschoot,” vertelde hij. Ik schrok van zijn openhartigheid, maar het staartje dat hij aan zijn uitleg breidde ervoer ik als beledigend: “Voor de fijne afwerking zorgden de arbeiders van hier.”

* * *

Op ‘Canvas’ wordt de reeks ‘Arm Vlaanderen’ opnieuw uitgezonden. De geschiedenis van boerenmensen die in agrarisch Vlaanderen geen werk vonden en naar Wallonië trokken om hun boterham te verdienen - vaak lieten ze vrouw en kinderen voor lange tijd achter. Waalse politici en syndicalisten waren destijds doodsbenauwd dat door die inwijkelingen uit het noorden Vlaamse enclaves in Wallonië zouden ontstaan waar geen Frans meer gesproken werd - geen kwestie van faciliteiten toen. Op enkele jaren tijd was de verfransing van de immigranten compleet.
Verrassend het verhaal van een Waals industrieel archeoloog die vertelde dat eigenlijk de Vlamingen destijds steden als Charleroi en La Louvière uit de grond hebben gestampt. Tachtig procent van de arbeiders die het ‘Canal du Centre’ groeven waren ook Vlamingen.

* * *

Het voortbestaan van België doet me denken aan m’n oude tand die geen lang leven beschoren leek. Dankzij allerlei kunstige ingrepen kon hij steeds weer opnieuw gered worden. Ik vraag me af of een radicalere oplossing - voor tand en land- nu onvermijdelijk geworden is. Wij bijten door en wachten af.

Good luck en tot ziens.

Frans BAERT

Alles over

Reageer als eerste op dit bericht