Paaseieren
10/04/'09
Graffiti
Sinterklaas beloont kinderen die braaf geweest zijn en bestraft de stoute, maar voor de Paasklokken is iedereen gelijk. Op
álle hoofden regent het paaseieren - eieren van chocolade,
suiker of plastic, of van de kip gewoon.
* * *
Paaseitje uit het hiernamaals.
Het verhaal gehoord over de man die overleden is en verneemt
dat hij naar de hel moet. Nieuws dat hem niet lekker zit.
Bevend stapt hij door de poort van de hel en krijgt een korte
rondleiding in zijn nieuwe thuis. Tot zijn verbazing valt alles
geweldig mee - de inwoners van de hel zien er best tevreden
uit, lachende gezichten, lekker eten en drinken, eigen kamer
met douche, een bioscoop, zwembad, golf- en tennisbaan.
“Bent u zeker dat ik hier in de hel ben?” vraagt de man aan
de gids. Die knikt bevestigend.
Even later vangt hij met zijn neus de kwalijke geur van zwavel
op. Vlakbij ontdekt hij een gaatje in de muur waardoor
de stank ontsnapt. Als hij door het gaatje kijkt, ziet hij de
meest afschuwelijke taferelen – van pijn kermende mensen
die door vurige vlammen gegrepen en door duivels met de
zweep bewerkt worden. Hij vraagt: “En wat is dát dan?” De
gids, mild glimlachend: “Daar zitten de katholieken, die
willen dat zo.”
* * *
Hollands paaseitje.
De auteur Cees Nooteboom wordt soms als mogelijk toekomstig
Nobelprijswinnaar literatuur genoemd. In dezelfde week
dat hij voor de radio geïnterviewd werd, kwam zijn vroegere
partner Liesbeth List aan het woord in een televisiegesprek,
waar ze minder fraaie dingen over het karakter van de man
te vertellen had.
Op een zeker ogenblik maakte de interviewer van de radio de
opmerking dat fotografie de realiteit niet weergeeft zoals hij is.
Tot mijn verbazing protesteerde Nooteboom. De interviewer
probeerde nog eens: “Een foto misleidt toch, lenzen kunnen
vertekenen...” Dingen die iedereen weet.
Maar Nooteboom liet niet los. Tot driemaal toe stelde hij
dat fotografie de zaken weergeeft zoals ze zijn. Hij móest
en zou gelijk krijgen. Ik herinnerde me plots de woorden
van List...
* * *
Japans eitje.
Ik lees tegenwoordig alles wat ik over Japan kan vinden
- reisgidsen, werken over cultuur en geschiedenis.
Ik reis jaarlijks naar de States om familie te bezoeken,
oude vrienden te zien. Tijd voor eens iets nieuws, voor een
koerswijziging. Heb daarom mijn reis naar de Southwest
afgeblazen.
Wanneer ik mensen hoor vertellen dat ze in Japan geweest
zijn, denk ik altijd: “Dáár wil ik ook ooit naartoe!” Ooit?
‘Ooit’ dreigde ‘nooit’ te worden.
Met de Japanse cultuur heb ik altijd een band gevoeld. Was in
Los Angeles jaren kind aan huis in de tempel van de Japanse
zenmonniken - een Japans eilandje in Amerika. Het leek toen
zo vanzelfsprekend dat ik eens naar Japan zou reizen, en naar
de tempel van de stichter van de kloosterorde in Eihei-ji.
Ik lees nu als een gek over Japan, omdat ik eindelijk besloten
heb te gaan en mijn reis goed wil voorbereiden. Ik lees over wat
ik ‘moet’ zien als ik daar ben. Wil mijn tijd goed gebruiken.
Maar ik stel me daar ook vragen bij. Gaan zien wat je weet
dat je gaat zien - laat dat genoeg ruimte voor iets nieuws?
* * *
Rot ei.
Op mijn nachtkastje liggen enkele boeken die me ’s avonds
moeten helpen om de zorgen van de dag in een ander
perspectief te plaatsen; of ’s ochtends om de wereld vol
goede moed in te kunnen stappen. Onder andere zit de
‘Bhagavad Gita’ in die stapel, bekendste spirituele tekst uit
het hindoeïsme. De Gita is in feite een uittreksel uit het
reusachtige Mahabharata-epos. Het vertelt het verhaal van
een dialoog tussen Krishna en de krijger Arjuna, aan de
vooravond van een veldslag waarbij vele slachtoffers zullen
vallen. Hoe valt deelname aan die gruwelijke gebeurtenis te
rijmen met een moreel goed leven?
Mahatma Gandhi, de grote politieke en spirituele leider
van India, had de Gita altijd bij zich en citeerde er vaak uit.
‘Als ik ontmoedigd ben en me hopeloos alleen voel, dan
sla ik de Gita open,’ schreef hij: ‘Ik lees enkele verzen en
begin ogenblikkelijk te glimlachen, zelfs in het midden van
omstandigheden die me eerst tragisch hadden geleken.’
Het boekje ligt al vele jaren op mijn nachtkastje. Toen ik
vorig jaar leerde dat Heinrich Himmler, de baas van de SS,
altijd een in leer gebonden exemplaar van de Gita bij zich
had, viel ik bijna van mijn stoel. Ik wilde het niet geloven.
Hoe kon de man die de holocaust organiseerde, iets in deze
spiritualiteit vinden?
Maar eigenlijk is het niets nieuws, dat spirituele teksten
misbruikt worden. De inquisitie en alle jihads citeerden
ook enthousiast uit hun heilige boeken. Dat wil daarom
niet zeggen dat we die boeken ‘met het badwater’ moeten
weggooien.
* * *
Windei.
In de Dom van Aken wordt al een hele poos gerestaureerd.
Niet langer een plek die geschikt is voor gebed of meditatie
wanneer de boormachines en zaagtoestellen de oren teisteren.
Ik was deze week met mijn oudste en zijn vriend in de Dom
en het was weer van dat. Het brutale geluid van een pneumatische
boor ging lang en hard en ik vroeg me af of de trillingen
niet ongunstig waren voor de oude kerk. Het viel me plots
op hoe de boren aanhoudende toonhoogtes produceerden.
Eigenlijk klonk het een beetje als muziek, vertelde ik aan
m’n zoon. Hij vond dat ik wat overdreef, maar dan begon
hij het melodieuze aspect van het oorverdovende lawaai ook
te horen. We gingen zitten en luisterden naar een geluid dat
uit de bodem van de diepste zeeën leek ontsnapt te zijn.
Na een tijdje vroeg m’n zoon: “Zijn dat wel boren, papa? Dat
klinkt té goed.” Bleek dat de organist zijn instrument aan het
stemmen was... Op het verkeerde been gezet... In de Dom van
Aken. Beetje dom van me.
* * *
Paaseieren... van chocolade, suiker of plastic, of van de kip
gewoon.
* * *
Zalig Pasen, en tot ziens.