Oude Kinderen
30/12/'10
Graffiti
Aflevering nr. 1099 - Naar jaarlijkse gewoonte een slotstukje
met dingetjes die ik de afgelopen
maanden in mijn notitieboekje
genoteerd heb. Snippers. Slingers. Confetti.
Graffiti.
* * *
Was van plan een stukje over ‘meta-grappen’
te maken - humor over humor. Maar het
kwam nooit van de grond.
Voorbeeld. Een priester, een rabbijn, een
imam en een kabouter bevinden zich in een
café. De kabouter kijkt verschrikt rond: “Oei,
ik ben in de verkeerde mop beland.”
Nog een. Een stand-up comic aan zijn publiek:
“Toen ik zei dat ik stand-up comic
wilde worden, lachte iedereen met me. Maar
nu lachen ze niet meer.”
* * *
In een visrestaurant in Istanboel raadde de
Turkse kelner ons de gegrilde ansjovis aan:
“Ansjovis without burns.” Ik begreep daaruit
dat de kok de vis niet zou laten verbranden.
Aan een ander tafeltje vertelde hij hetzelfde:
“Ansjovis without burns”. Pas toen ik zijn
handen en vingers zag beschrijven wat er met
de ansjovis zou gedaan worden, snapte ik dat
hij ‘without bones’ bedoelde - geen graten.
Als ik vis voor mijn kinderen kook, zeg ik nu
altijd: “Without burns”.
* * *
In datzelfde restaurant een kiekje van een
wijnrek geschoten waarop in het groot de
naam van een Turks wijnmerk: ‘Kutman’.
Mijn zoon vertelde me achteraf dat hij dat
gênant vond. Eerste keer dat hij me zoiets
zegt. Geen klein kind meer.
* * *
Van Shakespeare genoteerd: ‘The fault dear
Brutus, is not in the stars, but in ourselves.’
* * *
Gehoord: ‘Zonder God zou ik nooit een
atheïst kunnen zijn.’
* * *
In het museum van Bonn het doopkapje
- ‘Taufhaübchen’ - van Beethoven gezien.
Ontroerend. En in de vitrine vlakbij het
testament van de componist - een verwarde
brief met moeilijk ontcijferbare krabbels.
* * *
M’n jongste: “Ik besef dat ik niet volwassen
ben. Is dat niet volwassen?”
* * *
M’n moeder belde om me geluk te wensen
voor mijn verjaardag. Ze schrok even toen
ze hoorde hoe oud ik nu ben.
M’n broer vertelde me dat ze achteraf naar
hem gebeld had: “Ik begin oude kinderen
te krijgen”, had ze hem gezegd. Het pakte
me.
* * *
2010, een bomenjaar. Ik heb er een stuk of
tien geplant - verschillende soorten Japanse
esdoorns, ook een moerbei. Altijd al willen
doen. Maar nu ik een ‘oud kind’ geworden
ben, besef ik dat ik daar niet te lang meer
mee moet wachten, als ik er nog wat van wil
genieten.
* * *
M’n zoon bakte enkele schijfjes komkommer
in de pan. Ik: “Kan dat wel, gebakken
komkommer?” Dat ik niet open stond voor
iets nieuws, verbaasde hem. De toekomst
hoort aan de kinderen - maar goed ook.
* * *
In de lente floot een merel buiten enthousiast
mee met een Schubert-sonate (D.959) die hij
door het open raam kon horen.
* * *
Ik leerde dat de kortste oorlog in de geschiedenis
op 27 augustus 1896 plaatsvond - tussen
Zanzibar en het Verenigd Koninkrijk.
Duurde slechts 38 minuten.
Als in onze wereld oorlogen dan toch onvermijdelijk
zijn, mogen ze dan allemaal even
kort duren als die van 1896.
* * *
In Lissabon iets van de dichter Fernando Pessoa
genoteerd: ‘Dichter zijn is geen ambitie
van me, maar wel mijn persoonlijke manier
om alleen te zijn.’
* * *
In het notitieboekje van de maand juli schreef
ik: ‘Satelliet-foto’s van de Sahara met Googlemaps
bekeken. Inzoomen! Spectaculair!’
* * *
Het was ook in de maand juli dat we een
hittegolf beleefden. Bijna dagelijks gaf ik
mijn nieuwe bomen water. Ik zorgde voor ze
zoals voor mijn kinderen toen ze nog baby’s
waren.
* * *
In het Hermitage-museum in Amsterdam het
schilderij ‘La Chambre Rouge’ van Matisse
bewonderd. Wist niet dat het zo groot was.
Leerde dat Matisse eerst een blauwe kamer
geschilderd had, maar die kleur beviel hem
niet en hij is er later nog eens over gegaan met
een kwast gedoopt in rood. Een schilderij is
nooit af.
* * *
De man van de Joodse delicatessen wenste me
een zoet jaar toe - het joodse nieuwjaar vindt
ergens in september plaats. Ik bedankte hem:
“Dat is precies wat ik nodig heb!” Hij vroeg
me: “Hoe komt dat, mijnheer? Veel bitterheid
in uw leven misschien?” Zijn vraag deed me
schrikken. Ik ontkende, maar misschien iets
te snel.
* * *
Op 3 oktober jongstleden betaalde de Duitse
regering de laatste schijf van de herstellingsschuld
voor Wereldoorlog I, zoals vastgelegd
in het Verdrag van Versailles.
* * *
2010 heeft vele levens geëist. De dodenaantallen
in Haïti, Pakistan, Congo... nog moeilijk te
vatten. ‘Eén dode is een tragedie, een miljoen
een statistiek’, zou Stalin ooit gezegd hebben.
De tiran was zelf verantwoordelijk voor zowel
tragedie als statistiek in eigen land.
* * *
In het Twents dialect zeggen ze van iemand
die gestorven is: ‘Hij is uit de tijd gekomen.’
* * *
In Hamlet schrijft Shakespeare: ‘If it be now,
’t is not to come; if it be not to come, it will
be now; if it be not now, yet it will come. The
readiness is all.’
* * *
Dertig jaar geleden - toen ik nog jong en slim
was - dacht ik dat ik de redenering kon volgen.
Maar als ‘oud kind’ vind ik de woorden
raadselachtiger dan ooit.
* * *
In een interview over stilte vertelde een zenboeddhist:
“Het is belangrijk dat je stilte kan
vinden in stilte, maar het is belangrijker dat
je stilte kan vinden in geluid.”
* * *
Er ligt nu sneeuw op de twijgen van m’n Japanse
esdoorns. Benieuwd wat er in de lente
uit de dode takken zal groeien.
* * *
2010... Zoals elk ander jaar was het zowel
een fantastisch als een verschrikkelijk jaar.
Oorlog, ziekte, uitbuiting, moord... De wereld
wordt oud, maar de mens weet nog altijd
bitter weinig. Oude kinderen, wij.
Gelukkig Nieuwjaar en tot ziens.
Dr. Frans BAERT