Nelson
04/09/'09
Graffiti
Aflevering nr. 1034 - In een antiekprogramma van de BBC zag ik een miniatuurtractor
die als mobiele gazonsproeier fungeerde. Het vehikel
was niet groter dan een hondje. Leuk ding. Mijn ouders
hadden er vroeger ook een.
Zo’n kleine tractor beweegt zich voort dankzij de druk van
het water uit een tuinslang. Dat water zet een reeks tandwielen
aan het werk die zo de wielen van het toestel aandrijven. Vervolgens
loopt het water naar de gazonsproeier bovenop.
De velg van het voorste wiel is hol zodat de tractor - tegen de
indrukwekkende snelheid van drie meter per uur - het pad van
de slang door de tuin kan volgen. Weinig flitskansen.
Het eind van de rit van de tractor kan je bepalen door een
blokje op de tuinslang te plaatsen - botst de tractor daartegen,
dan wordt een knop in zijn buik ingedrukt en de watertoevoer
afgesloten. Zo verhinder je dat hij later tegen een muur uren
lang water staat te spuiten. De ‘gazonsproeiertractor’, er is
goed over nagedacht.
* * *
Dinsdag gingen de scholen weer open. Dezelfde dag moesten
gloeilampen van 100 Watt uit de winkelrekken verdwijnen.
De gloeilamp wordt door de spaarlamp en ledverlichting
vervangen. In 2012 zou Europa gloeilampvrij moeten zijn.
Dat zal tegen 2020 een besparing opleveren die gelijk staat
aan de elektriciteitsconsumptie van België. Jaarlijks 32 miljard
ton minder CO2.
* * *
To the Honorable Commissioner of Patents: Your Petitioner
Thomas A. Edison of Menlo Park in the State of New Jersey
prays that Letters Patent may be granted to him for the invention
of an Improvement in Electric Lamps and in the method of
manufacturing the same set forth in the annexed specification.
(Case no.186).
Aanvraag op 4 nov. 1879 van patent nr. 223.898, voor de
uitvinding van de gloeilamp.
* * *
Enkele weken geleden heb ik nog ergens zo’n ‘gazonsproeiertractor’
gevonden. Hij is knalgeel en uit gietijzer gegoten
om te verhinderen dat hij door een kleine oneffenheid in het
gazon uit zijn sporen kan gelicht worden.
De ‘Nelson Corporation’ in Peoria, Illinois, produceerde m’n
tractortje. De naam Peoria doet Amerikanen vaak glimlachen
omdat het symbool staat voor de gemiddelde Amerikaanse
stad. Als een nieuw product op de markt verschijnt, wordt
altijd de vraag gesteld: ‘Will it play in Peoria?’
Het kostte me weinig moeite om het tractortje op ons gazon
aan het werk te zetten, maar door het regelen van de sproeier
werd ik wel goed nat. Na een half uur zag ik dat hij al een
eindje gevorderd was - lang dacht ik dat hij geen vin verroerde.
Het is moeilijk om niet van een ‘hij’ te spreken. Ik heb ons
tractortje zelfs een naam gegeven, ‘Nelson’ - op de doos van
de verpakking stond de naam ‘Nelson’ van de fabriek.
Toen m’n zonen hem aan het werk zagen, waren ze op slag op
hem verliefd. “Papa, Nelson zit nu al aan de dahlia’s!” hoorde
ik m’n jongste enkele uren later enthousiast roepen.
* * *
Moet geweldig geweest zijn toen Thomas Edison zijn eerste
gloeilamp zag branden. Misschien daarom dat cartoonisten de tekening van een gloeilamp gebruiken om zo’n ‘eurekamoment’
te beschrijven? Ging bij de uitvinder van de ‘gazonsproeiertractor’
ook zo’n gloeilampje branden? Gaan de
cartoonisten straks ledlampjes tekenen?
* * *
Je geeft zo’n gazonsproeier - een ding van ijzer en plastic
- een naam en voor je het weet wordt het een ‘iemand’. Mijn
oudste vond dat m’n column deze week daarover moest gaan.
Ik schrijf nooit columns op bestelling, maar voor m’n zoon
wilde ik wel een uitzondering maken.
Nelson doet me denken aan Alan Turing, de Britse logicus
en uitvinder van de moderne computer. ‘Time’ riep hem in
1999 uit tot een van de honderd belangrijkste mensen van de
twintigste eeuw. In 1936 publiceerde Turing een artikel - ‘On
computable numbers, with an application to the Entscheidungsproblem’
- over het wiskundig model van een soort
rekenmachine. Een ‘Turingmachine’ beweegt zich voort over
een tape waarop cijfers staan - beetje zoals Nelson die over
zijn tuinslang vordert. Als de ‘Turingmachine’ geprogrammeerd
is om sommen te maken, dan telt hij de cijfers die hij
leest op. Voilà, de computer!
Als je erover begint na te denken, zie je plots overal ‘Turingmachines’.
Een gloeilamp ontvangt elektriciteit, en verwerkt
door zijn programmatie die input tot licht. Maar ook de
kamerplant die enkele dagen geleden naar het raam verplaatst
werd, verwerkt die input en kan zijn bladeren in geen tijd
naar het zonlicht keren.
Als ik mezelf ‘s ochtends in de spiegel bekijk en dwangmatig,
zonder veel nadenken, een reeks hygiënische handelingen
uitvoer zoals ik dat al decennia lang doe - tanden poetsen, deodorant
onder de oksels, haren kammen - ben ik eigenlijk ook
maar een Turing-machine die input tot output verwerkt.
* * *
In een zaal van de Huntington Library in Pasadena werd
een belangrijke collectie gloeilampen uit de hele wereld
ondergebracht. In een lichtkast zag ik lampen van Edison,
met beschreven papiertjes erop in het handschrift van de
uitvinder himself. Ieder lampje kreeg zo een eigen identiteit
- een persoonlijke band met de uitvinder. Ieder lampje, een
‘Nelson’.
* * *
Groot drama! Ik liep de kamer in om de tv aan te zetten, en
merkte dat de vloer kletsnat was. Nelson stond tegen het open
raam de kamer te besproeien. Bleek dat onze vriendelijke
‘Turingmachine’ zijn programmatie niet langer was gevolgd
- ik dacht even aan de opstandige computer Hal van de film
‘2001’. Maar toen ik Nelsons sporen in het gras volgde, vond
ik de grote zwam in het gazon waardoor hij ontspoord was.
Ik vertelde aan de jongens wat Nelson uitgespookt had. Mijn
oudste draaide zich om: “Papa, eigenlijk begin ik genoeg te
krijgen van al dat Nelson-gedoe, weet je?”
Het stemde mij tot nadenken. Misschien dat in zijn opmerking
het intuïtieve antwoord schuilde over het verschil tussen
mens en machine. Het onvoorspelbare gedrag van een mens
maakt hem interessant genoeg om hem niet beu te worden,
en boeiend genoeg om van hem te kunnen blijven houden.
Daarin wijken we af van de ‘Nelsons’ van deze wereld.
Good luck en tot ziens.
Frans BAERT