Mesto
30/10/'09
Graffiti
Aflevering nr. 1041 - Het vallen van de bladeren, ieder jaar hetzelfde, maar toch ook een beetje anders.
Deze week is het opvallend windstil gebleven. De
kruinen van de bomen staan nog niet kaal. Ik speelde buiten
baseball met de jongens en hoorde hoe de kurkdroge herfstbladeren
door een zwak briesje elkaar raakten - precies het
geluid van rice crispies wanneer je melk in het kommetje
gegoten hebt.
* * *
Ik had aan Mieke een maand geleden gevraagd of we misschien
samen een ‘mazurka’ konden instuderen. Mieke is
altijd in de wolken als ik iets van Chopin wil leren, maar ze
waarschuwde me: “Die mazurka is wel een héle treurige.”
Boven de partituur van opus 33 (nr.1) stond in het Italiaans
de aanduiding: ‘mesto’. M’n jongste moest enkele weken
geleden het Latijnse woordje ‘maestus’ leren, een adjectief
dat ‘treurig’ betekent. ‘Mesto’ betekent precies hetzelfde.
Mieke had gelijk, inderdaad een ‘héle treurige’, maar tegelijk
van een grote schoonheid. Een musicoloog schreef erover:
‘The piece is short, but its emotional impact is powerful.’
Ik speel deze mazurka ‘met plezier’, als je zoiets over dit
zwaarmoedige werk mag zeggen.
Chopin droeg het stuk op aan een ‘Mlle Rose Mostowska’.
Beetje vreemd om zo’n indroevig werk aan een juffrouw op
te dragen. Ik googelde op het internet en vond bitter weinig
over die Poolse mademoiselle - ze stamde uit de adellijke
salons van Warschau, veel meer kwam ik niet te weten. Lang
geleden... Gestorven, en vergeten. Mesto.
* * *
Een van de pakkendste foto’s die ik in jaren heb gezien, is
die van de dode chimpansee in het novembernummer van
National Geographic.
Op 23 september 2008 stierf Dorothy - een vrouwelijke chimp
van bijna vijftig - aan een hartziekte in het ‘Sanaga-Yong
Chimpanzee Rescue Center’ in Kameroen.
Toen ze klein was, had een jager haar moeder gedood en werd
Dorothy als mascotte aan een pretpark verkocht. Vijfentwintig
jaar lang hing ze vast aan een ketting in de grond en werd
ze gepest en getreiterd, leerde bier drinken, sigaretten roken.
In 2000 werd Dorothy in belabberde toestand gevonden en
gered.
Terwijl ze herstelde, werd duidelijk wat een innemende persoonlijkheid
Dorothy had. Ze telde vele vrienden en nam
de rol van moeder op zich voor een weesje dat Bouboule
heette.
Toen Dorothy stierf, raakte dat haar chimpansee-gemeenschap
heel diep. De fotograaf Monica Szczupider vertelt hoe
een grote stilte over de groep neerviel. De verzorgers beslisten
dat de chimpansees de begrafenis mochten bijwonen zodat ze
misschien - op hun manier - konden begrijpen dat Dorothy
niet meer terug zou komen.
Op de foto van Szczupider
zien we hoe het lijkje onder een laken in een kruiwagen weggebracht
wordt. De dierenarts van het centrum toont haar
hoofd aan de chimpfamilie. De apen staan achter de draad
en kijken ingetogen stil toe.
* * *
Het is de tijd van het jaar dat we openlijk over de dood mogen
mijmeren en mediteren, zonder beschuldigd te worden van
overdreven zwartgalligheid.
Geen onderwerp waarover al zoveel geschreven is - terwijl
er zo weinig over geweten is - als over de dood. Over wat we
met onze zintuigen over de overgang van leven naar dood
kunnen gewaarworden, bestaat weinig discussie. Van iemand
die dood is klopt het hart niet langer, verwerken de hersenen
geen informatie meer, houdt het lichaam op met functioneren.
De vormen waarop dit geschiedt kunnen verschillen, maar
de slotsom van het proces is altijd hetzelfde.
Indien de zintuiglijke waarneming de enige maatstaf was voor
het bepalen van wat bestaat, dan was daarmee alles gezegd.
Maar we leven in een wereld waarin de materialisten een minderheid
vormen. Dat er mensen zijn die willen geloven in een
hiernamaals, komt volgens hen omdat de waarheid voor velen
te pijnlijk is - het afscheid van een geliefde is gemakkelijker
te verwerken als er nog een manier zou bestaan waarop we
kunnen voortleven. Maar het feit dat een geloof door grote
angst en verdriet zou gemotiveerd worden, betekent daarom
nog niet dat het niet waar kan zijn. Met zekerheid durven
beweren dat er geen hiernamaals is omdat de wetenschap
niets in die aard heeft kunnen vaststellen, berust ook op een
geloof, niet op zekerheid.
Geen onderwerp waarover al zoveel geschreven is - terwijl er
zo weinig over geweten is - als over de dood.
* * *
Ik hielp m’n jongste bij het memoriseren van zijn Latijnse
woordjes. Van het woord ‘mors’ dat ‘dood’ betekent, is het
geslacht vrouwelijk. Beetje raar, vond hij. Ik herinner me dat
twee jaar geleden zijn broer dezelfde opmerking had gemaakt.
Ik bedacht toen een ezelsbruggetje: ‘Het is niet ‘Pietje de
dood’, maar ‘Mietje de dood’.’
* * *
Geen ogenblik gaat voorbij zonder dat iets ‘sterft’, iets van
ons wegvalt. Ik stond gisteren in de kelder en vond een doos
met bestofte zuigflessen. Waar is de tijd? M’n oudste is nu
ongeveer zo groot als ik. Dat hij ooit aan zo’n fles zoog, luiers
droeg... ik kan het me nauwelijks herinneren.
Enkele dagen geleden kreeg ik de droeve mare dat onze
quizploeg ter ziele is gegaan.
Op de kast staat een oude foto van mezelf - geen grijs haar
op de kruin, geen bril...
Geen ogenblik gaat voorbij zonder dat iets ‘sterft’, van ons
wegvalt, al is het maar het ogenblik in de tijd zelf - geen
houden aan de opeenvolging van ‘nu-momenten’ die verdwijnen.
* * *
Tijdens een wandeling door het ‘Peace Memorial Park’ in
Hirosjima eerder dit jaar, schoot ik kiekjes van een groene
heuvel. Mooie, rustige plek, vlakbij het epicentrum van de
A-bom. Achteraf las ik in een boekje dat op die plek de
assen van meer dan zeventigduizend mensen die niet konden
geïdentificeerd worden, begraven liggen. Zeventigduizend...
Onvatbaar. Mesto.
* * *
We hielden op met baseball spelen om het broze geluid van
de tegen elkaar wrijvende droge bladeren beter te kunnen
horen. Elke zucht wind werd in een stukje natuurmuziek
vertaald, dat het sterven van de bladeren tot een geluksmoment
omtoverde.
Good luck en tot ziens.
Frans BAERT