Keuring

23/03/'09
Graffiti
“Je doet het wéér, papa”, zei m’n oudste ontgoocheld.
Als ik m’n bankkaart in een winkel gebruik en na het intikken
van code en bedrag het bericht ‘aanvaard’ op het schermpje
zie, zucht ik altijd: “Toch ergens waar ik nog aanvaard word!”
Een grapje dat mij gewoonlijk een glimlach van de persoon
aan de kassa oplevert.
M’n zoon vindt dat het grapje nu echt te oud begint te worden.
Hij heeft het al zo vaak moeten horen.
“Voor jou is het een oud grapje”, maak ik dan duidelijk,
“maar die mensen hebben het nog nooit gehoord.” Zijn blik
verraadt dat hij het niet met me eens is. Hij keurt het niet
goed, oude grappen van zijn ‘old man’.
* * *
Al weken lang ligt de groene kaart van de autokeuring naast
m’n computer. Zodat ik niet vergeet te gaan.
Vandaag was het mooi weer, dus misschien minder volk in de
rij. Fout geredeneerd. Twee uur en vijftien minuten moeten
wachten. Wat het deze keer moeilijker maakte, was dat de
wachtrij met één rij begon, verderop verdubbelde en vlak
voor de inspectie weer tot één rij moest samenritsen. Precies
alsof men het de voorkruipers gemakkelijk wilde maken. Dat
verhoogt de stress. Moet toch op te lossen zijn.
* * *
Het viel me op toen ik in Maastricht met m’n bankkaart
betaalde, dat op het schermpje het woord ‘geslaagd’ verscheen.
“Bij ons is het ‘aanvaard’,” zei ik tegen de winkelier.
Geen reactie.
Met een beetje moeite kon ik mijn grapje aan de nieuwe
omstandigheid aanpassen: “Leuk dat ik nog eens voor iets
geslaagd ben!” Opnieuw geen reactie.
De man vroeg alleen of ik ook mijn bonnetje wilde. Toch
allemaal een beetje anders, daar over de grens.
Van m’n zoon kreeg ik weer die blik: ‘Zie je nu wel?’ Misschien
heeft hij wel gelijk. Mopje te oud. Afgekeurd.
* * *
Eindelijk was het mijn beurt. De man van de keuring wuifde
me naar binnen. Ik had m’n documenten klaargelegd en in
m’n instructieboekje nagekeken hoe ik de motorkap moest
openmaken - vergeet ik altijd.
De keuringroutine ken ik onderhand wel. De inspecteur kijkt
je papieren eerst na, dan worden de uitlaatgassen gemeten
en de veiligheidsgordels gecontroleerd. We zaten halfweg die
eerste statie van de kruisweg, toen er plots ‘stop meneer!’ werd
geroepen. Ik had net een tweede, vergeefse poging ondernomen
om de achterbank open te klappen en veegde het zweet
van mijn voorhoofd. Had ik iets fouts gedaan? De opmerking
kwam van de chef van de afdeling, die mijn documenten
controleerde: “U moet uw wagen niet laten keuren”, legde
hij uit. Hoorde ik goed of verkeerde ik in een soort roes na
twee uur blootstelling aan de uitlaatgassen van de wagens
voor me? Hij herhaalde dat mijn wagen niet gekeurd moest
worden. Dat er op de groene kaart van de keuring stond dat
ik wél moest komen, daar had hij geen verklaring voor.
“U heeft geluk”, zei de man, “u moet nu maar negen euro
betalen, dat bespaart u een euro of dertig.”
Ik was blij dat ik naar huis mocht, maar begreep niet waarom
ik negen euro moest betalen voor het niet laten keuren van
mijn wagen.
* * *
We stonden in de rij van de supermarkt. Ik legde m’n bussel
prei en een zakje uien op de band en daarachter het grens-
verleggende ‘volgende klant’-stokje. Even later werd de lege
plaats achter het stokje door een elegante vrouwenhand met
conservenblikken gevuld en met... drie bh’s - twee zwarte en
een knalrode. Mijn aandacht was gewekt! Vooral die rode
werkte zinnenprikkelend. De lap voor de stier.
Ik probeerde niet te lang of te opvallend naar die intieme
drievuldigheid te staren, maar dat kostte me moeite. Welke
maat waren die bh’s? Zagen er best groot uit. Ik vermoedde
dat ze knus zouden zitten rond cavaillon-meloenen. Als ik
natte bh’s thuis in de badkamer aan een wasdraad zie hangen,
is daar niets opwindends aan, maar hier - open en bloot - op
de band van de kassa...
Zo onopvallend mogelijk wierp ik ook een blik achter me
- ik kon het niet laten - en zag een aantrekkelijke, jonge
vrouw die de andere kant uitkeek terwijl ze op een stuk
kauwgom knabbelde. Ik wilde het eerst niet doen, maar een
door hormonen gemotiveerde reflex dwong mijn blik naar
de plaats van haar euh... meloenen. Daardoor leerde ik dat
wat door haar blouse verborgen werd, omvangrijker was dan
ik - zonder de ‘inside information’ op de band - had kunnen
vermoeden. Ik fantaseerde een beetje over hoe ze straks thuis
van haar partner een complimentje over die rode bh zou
krijgen - ‘goedgekeurd’.
* * *
Twee oude mannen op een bank in het park. De een leunt
op zijn stok. De ander is iets met zijn vingers aan het doen.
Ik begrijp niet wat. Twee manieren van zitten. Het verschil
tussen zijn en doen.
* * *
Door het goedkeuren van een bankkaart ‘aanvaard’ of
‘geslaagd’ zijn - het resultaat blijft hetzelfde, maar er is een
fundamenteel verschil. Om aanvaard te worden, moet je
iets zijn, om geslaagd te zijn, iets doen. Zijn of doen. In een
notendop de essentie van het verschil tussen twee wereldbeelden.
Ook die van noord en zuid? De protestant wordt
voor zijn werken met de hemel beloond, de katholiek voor
zijn gezegende zielstoestand. Spirituele goedkeuring, maar
voor twee totaal andere dingen.
* * *
Ik ga naar de kassa van de keuring om mijn negen euro te
betalen. Ik steek de bankkaart in het machientje en krijg de
boodschap ‘aanvaard’. Ik denk aan m’n zoon en besluit om
het grapje vandaag maar in te slikken.
De mevrouw geeft me een bonnetje en vraagt vriendelijk of
ik de man ben van de column in de krant. De herkenning
en haar mooie glimlach doen me het ‘leed’ van de afgelopen
uren snel vergeten. Een glimlach die ik heb gekregen zonder
hem met een oude grap te moeten losweken. Ik ben gekeurd,
geslaagd en aanvaard.
Good luck en tot ziens.