Frans Baert
17/09/'10
Graffiti
‘Ik heb goed rondgekeken en het is goed, heel goed.’ Dat
waren de slotwoorden van de oude man met de pet in ‘Man
bijt hond’. Toevallig heette hij ook Frans Baert. Er wordt
wel eens beweerd dat de naam van een mens zijn lot bepaalt
- ‘nomen est omen’. Ik had daarom met veel belangstelling
naar zijn verhaal geluisterd. Nieuwsgierig naar de gelijkenissen
tussen onze levenslopen.
De ‘Frans Baert’ van ‘Man bijt hond’ bezocht het huis waar
hij lang met zijn echtgenote die ondertussen overleden was,
had gewoond.
Toen de man in de slaapkamer stond, vertelde hij dat die voor
hun kindje had moeten dienen omdat er een groot raam was
dat veel licht binnenliet. Maar dat kindje was er spijtig genoeg
nooit gekomen, legde hij voorzichtig uit. De stiltes tussen
zijn woorden hielden oud verdriet verborgen. Hij herhaalde
dat een kinderkamer een groot raam moest hebben om veel
licht binnen te laten.
Daarna stond Frans Baert in zijn oude tuin. Hij toonde de
plek waar hij een vijver had gemaakt die Canadese ganzen
had aangetrokken. Hij hield veel van die ganzen, maar op
een dag waren ze verdwenen. Onder een hoop bladeren vond
hij later een van de ganzen dood terug – een vos had haar
strot afgebeten. De vijver werd door de nieuwe eigenaar van
het huis met aarde gevuld: “Ik heb spijt dat die vijver dicht
is omdat ik die zo geiren zag.”
Frans Baert was blij dat hij het huis nog eens gezien had, zei
hij: “Ik heb goed rondgekeken en het is goed, heel goed.”
* * *
Ik programmeerde mijn digibox om de herhaling van ‘Man
bijt hond’ op te nemen – ik wilde de woorden van Frans Baert
opnieuw horen. Maar er liep iets fout met de opname - enkel
het laatste deel over de vijver en de Canadese ganzen stond
er op, niets over de kinderkamer met het grote raam.
Ik zocht in de afleveringen van ‘Man bijt hond’ die nog
te bestellen waren. Was het op 8 of op 9 september dat ik
gekeken had? Alleen ‘9 september’ kon ik nog bestellen – er
werd me een euro voor aangerekend. Ik bekeek de aflevering
van het begin tot het einde – geen ‘Frans Baert’. Jammer van
die euro... Dan moest ik het maar doen met wat ik me nog
van het gesprek herinnerde.
* * *
‘En op ne keer waren die weg en bij het zoeken heb ik één teruggevonden
die onder een hoop bladeren verstopt was en die was
de hals afgebeten. De vos heeft de ganzen doodgebeten, hé.’
Frans Baert
* * *
Ik ben er nog altijd niet uit of wat ik over Frans Baert op de
buis gehoord en gezien heb, me iets vertelt over het verband
tussen een naam en een levensloop. Misschien schuilden de
vele verschillen tussen onze levenslopen enkel in de details,
en lagen de gelijkenissen veel dieper dan een opsomming
van feiten en gebeurtenissen. Ik kon me voorstellen dat we
meer met elkaar konden gemeen hebben als het ging om ons
karakter, onze persoonlijkheid.
* * *
‘Lees dit en je zal een stomp in uw maag voelen’, verklaarde
kinderpsychiater Peter Adriaenssens toen hij vorige week
het eindrapport van de naar hem genoemde commissie
voorstelde. Ik sta er altijd van te kijken hoe wij Vlamingen
in dezelfde zin onze ‘je’s’ en ‘u’s’ door elkaar gebruiken.
Toen ik zaterdag de krant opensloeg om de verhalen van de
slachtoffers van pedofiele geestelijken te lezen, voelde ik al na
enkele regels die ‘stomp in de maag’ waarover Adriaenssens
het had. Ik had een willekeurig verhaal uitgekozen, over een
man die als kind op een onbegrijpelijke, sadistische manier
door een geestelijke werd mishandeld. Ik begon daarna aan
het verslag van iemand anders, maar het werd me te veel.
Dat Adriaenssens het vriendelijke, intieme ‘je’ in één zin
tegelijk met het plechtige, eerbiedwaardige ‘u’ had gebruikt,
paste eigenlijk perfect in het verhaal over misbruik van onschuldige
kinderen door kerkelijke vertrouwenspersonen en
machthebbers.
Ik bedacht ook hoe bewonderenswaardig het is dat iemand
- na zo’n ernstige inbreuk op zijn integriteit - de moed kan
vinden om in deze wereld te blijven functioneren, zonder hulp,
zonder medeleven van anderen. Wat doet dat allemaal met
een mens? Moeilijk te geloven dat je na zo’n verkrachting nog
dezelfde bent achter het masker van ‘naam, geboortedatum,
geslacht, adres’ dat je je hele leven gedragen hebt.
Even onvoorstelbaar en onbegrijpelijk is wat er in de hoofden
van de mishandelaars leeft. Wat zit er achter al die bisschop-,
priester- en broedermaskers verborgen? Hebben die vermommingen
de inbreuken op de menselijkheid mogelijk gemaakt,
ertoe bijgedragen?
Het beeld van de gans met de afgebeten nek kwam me opnieuw
voor de geest - het bloederige vlees, verborgen onder
een hoop bladeren in het bos aan de vijver. Kan een vos zijn streken verleren? Hoe moeten we verder?
* * *
Als je de naam ‘Van Gheluwe’ op het internet googelt, kom
je bladzijde na bladzijde met verwijzingen naar de pedofiele
bisschop van Brugge tegen. Als je wat langer googelt, ontdek
je dat er ook andere ‘Van Gheluwe’s’ zijn - ik vond een
Elisah, een Johan en een Julie. Misschien is er zelfs nog een
andere ‘Roger Van Gheluwe’, maar die heb ik niet gevonden.
Enkele jaren geleden waren ze waarschijnlijk trots over hun
naamgenoot, maar vandaag...
* * *
Ik zou met de slotwoorden van Frans Baert willen eindigen
- ‘Ik heb goed rondgekeken en het is goed, heel goed.’ Maar dan
denk ik aan de verhalen van de slachtoffers, de wonden die
moeten helen, het grote verdriet, en weet dat het oneerbiedig
is om vandaag zoiets te zeggen. Eerst moet alle rottigheid aan
het licht komen, en dan is vergiffenis nodig, veel vergiffenis,
vergiffenis in de ware betekenis van het woord.
* * *
Zonder om te kijken wandelde Frans Baert weg van zijn huis.
Met zijn rechterhand streelde hij nog even de kruin van zijn
oude haag.
Good luck en tot ziens
Dr. Frans BAERT