101
03/12/'10
Graffiti
Aflevering nr. 1095 - Ik was er niet klaar voor. Een tiental dagen geleden werd
voorspeld dat het onverwachts hard zou gaan vriezen. Ik
had nog honderd-en-een dingen te doen - de laatste bladeren
bijeenharken, m’n dahliaknollen opgraven, hydrangia’s
snoeien, de dakgoten leegmaken...
Enkele dagen later was het zover. De winter sloeg plots hard
toe. De koudste winterstart in 135 jaar. En dat in november...
Volgens de meteorologische kalender mag de winter pas op
1 december beginnen. Maar wat doe je ertegen?
* * *
In het treinstation zaten twee deftige Hollandse dames achter
me. De ene vertelde aan de andere: “Ik zei gisteren aan m’n
moeder dat ik vandaag met de trein naar Londen zou reizen.
Ik legde uit dat de trein door een tunnel naar de andere kant
van het water kon rijden, waarop m’n moeder opmerkte dat
het leuk zou zijn dat ik dan onderweg de vissen kon zien.
Toen ik haar uitlegde dat zoiets spijtig genoeg niet mogelijk
was, zei m’n moeder dat ze het begreep want zo’n trein had
natuurlijk geen raampjes.”
“Ze kon het helemáál niet vatten”, concludeerde de dochter.
* * *
In de trein zat een beeldschone vrouw tegenover me. Een
Perzische vermoedde ik, nadat ik haar accent had gehoord.
Ze had gitzwart haar, lange benen, elegante handen, grote,
donkere ogen en een uitgesproken etnische neus. Ik ben
iemand die op ‘neuzen met karakter’ verliefd kan worden.
Ik had moeite om m’n ogen van de Perzische af te houden
terwijl ze geconcentreerd op de laptop op haar schoot zat
te tikken.
Oh ja - hoe kon ik het vergeten! - ze droeg ook zo’n kort
leren rokje.
* * *
Bij ‘Hatchard’s’ - de boekhandel op Piccadilly, gespecialiseerd
in door auteurs gesigneerde werken - vond ik een boekje met
de titel: ‘101 places not to see before you die’, van Catherine
Price. Er bestaan tientallen reisgidsen waarin plaatsen opgesomd
worden die een mens voor hij sterft zou moeten bezocht
hebben - van de Taj Mahal in India tot de Piramiden van
Egypte. Logisch dat iemand hierdoor geïnspireerd werd om
de zaken op hun kop te zetten en een boekje te maken over
reisbestemmingen die je koste wat kost wil vermijden.
Al bladerend door het werkje leerde ik over supersaaie musea
waar geen mens in kan geïnteresseerd zijn, zoals het ‘Beijing
museum of Tap Water’; of over wansmakelijke evenementen
zoals ‘The World Famous Testicle Festival’ in Minnesota,
USA. Ik vroeg me af wat er op zo’n ‘Testicle Festival’ te beleven
valt en vond er alles over op de website www.testyfesty.com. Toppunt van vulgair vermaak.
‘101 places not to see before you die’, een leuk idee voor een
boekje, maar zoiets koop ik niet voor mijn boekenkast. Het is
een vondst die snel teleurstelt, zoals een paardje in het circus
dat maar één kunstje kent. Je leest zo’n boekje één keer en
dan geef je het aan iemand die er waarschijnlijk hetzelfde
mee doet.
Op de website van ‘Amazon’ vond ik andere boeken waarin
auteurs precies hetzelfde gedaan hebben als Catherine Price,
en ook 101 plaatsen opsommen waar je in je leven nooit
naartoe wilt.
Straks schrijft iemand misschien een boekje met de 101 boeken die je zeker niet wilt kopen - waarschijnlijk staat dit
soort boekjes dan op die lijst.
* * *
‘Rock Creek Lodge, Montana. Home of the world famous
Testicle Festival. You’ll have a ball! If you miss it, you’re
nuts.’
Van de website: www.testyfesty.com
* * *
In het British Museum loopt een speciale tentoonstelling
gewijd aan het Egyptische Dodenboek. De Egyptenaren
geloofden dat ze na hun dood een moeilijke reis door de onderwereld
moesten maken. Gewapend met magische spreuken
uit het Dodenboek en kennis van wat hun te wachten stond,
maakten ze een kans om het er ‘levend’ van af te brengen. Een
moeilijk bestaan, dat van een Egyptenaar, bedacht ik - je hebt
al een leven op aarde achter de rug met alle moeilijkheden
die eigen zijn aan zo’n ervaring, en als je sterft wacht je geen
hiernamaals waar je van alles kan bekomen, maar wel een
lijdensweg met nieuwe beproevingen.
Zeer interessante tentoonstelling, maar niet goed georganiseerd
vond ik. Ik moest een ‘timeslot’ reserveren en toch
was er nog te veel volk in de kleine tentoonstellingsruimte.
Zweten, duwen en dringen. Vóór elke papyrusafbeelding
met tekeningen en magische spreuken die beschrijven wat
een mens na zijn dood meemaakt, stonden tientallen mensen
de lange uitleg en de vertaling van de tekst te lezen. Je
moest lang je beurt afwachten om iets te zien. Het werd me
allemaal te veel en ik baande me een weg naar de uitgang
en frisse lucht. Onderweg zag ik een papyrustekening waar geen mens naar stond te kijken en nam de tijd om die rustig
te bestuderen. Bleek een tekst om de overledene te helpen
die per ongeluk ondersteboven in de onderwereld beland
was. Volgens de Egyptenaren zou dit een omkering van het
spijsverteringsproces veroorzaken waardoor de overledene
gedwongen werd om urine te drinken en stoelgang te eten. Een
weinig benijdenswaardige toestand. De tekst bevatte enkele
magische spreuken die daartegen konden beschermen.
Het Egyptische Dodenboek, of: ‘Over 101 dingen die je na
je dood niet wilt meemaken’.
* * *
Opvallend hoe vriendelijk de mensen in Londen waren. Dat
was bij vorige bezoeken vaak anders. De Engelsen waren
soms opvallend kort als ze te weten kwamen dat ik uit België
afkomstig was - “From Brussels”, merkten ze misprijzend op.
Vooral taxichauffeurs konden soms vervelend doen.
Het was helemaal anders deze keer. Na een korte rit zei een
taxichauffeur dat ik hem zes pond schuldig was. Ik had een
briefje van vijf en een van tien. Hij kon niet teruggeven. “Dan
is het vijf”, zei hij glimlachend.
* * *
Terug thuis begon het te sneeuwen. Het werd nog kouder.
Opnieuw honderd-en-een dingen te doen. Zo blijven we
bezig...
Good luck en tot ziens.
Dr. Frans BAERT