Transparantie troef
18/08/'12
De Kern
Elk jaar opnieuw eist het Rekenhof midden augustus een kleine duizend pagina’s op in het Staatsblad voor de publicatie van de lijst met politici en topambtenaren die aangifte hebben gedaan van hun mandaten en vermogen. Sinds dinsdag staat de lijst van vorig jaar online. Toegegeven, document 2012018316 is in vele opzichten verhelderende lectuur, niet in het minst wat de Limburgse politici betreft.
Zes van de 44 Limburgse burgemeesters blijken geen enkele bijverdienste te hebben. De anderen hebben gemiddeld vier extra betaalde functies. Enkele uitzonderingen hebben dan weer zoveel mandaten dat een normaal mens zich afvraagt wanneer ze de tijd vinden om die ook behoorlijk uit te oefenen. Ze lijken haast supermannen, duiveltjes-doen-alles, multitaskers pur sang. Nochtans is de job van burgemeester en schepen de laatste jaren opgewaardeerd, net omdat ze veeleisender is geworden. Vergelijk het even met een huishouden: welke normaal mens krijgt een voltijdse job en een huishouden gecombineerd met lidmaatschap van enkele tientallen verenigingen?
Aan de andere kant moeten we die rist mandaten ook niet overroepen. Veel van onze politici zijn gedreven en werken hard. Stellen dat het allemaal postjespakkers en zakkenvullers zijn, getuigt van populisme. En van populisme is op lange termijn nog niemand beter geworden. Veel mandaten, al dan niet betaald, vloeien voort uit de functie van burgemeester, schepen of gedeputeerde. Veel van die extra functies zijn een verlengstuk van hun bevoegdheden.
Wie de mandatenlijst grondig bekijkt, merkt ook dat onze politici zelden bijverdienen in de privé sector. Neen, meestal krijgen ze een extra vergoeding voor een mandaat op een ander niveau, voor een vergadering in een huisvestingsmaatschappij of intercommunale.
Feit is dat de publicatie van de mandatenlijst in het Staatsblad heeft geleid tot veel meer transparantie. Dat is een goede zaak. Het idee van de vermogensaangifte ontstond in de jaren ‘90, tijdens de grote debatten over de nieuwe politieke cultuur naar aanleiding van een reeks ophefmakende schandalen met politici. De wetten hierover kwamen in 1995 tot stand, maar het was nog tien jaar wachten op de uitvoeringsbesluiten.
Zodoende krijgen we sinds 2005 elk jaar opnieuw een inkijk in de wondere wereld van de cumul van onze politici. Ook hier blijkt het overgrote deel zich erg netjes te gedragen. Ook hier zijn er enkele uitzonderingen die de kantjes er af lopen. Dat zou niet mogen. Daarvoor heeft de
politiek al te veel aan geloofwaardigheid ingeboet.
Yves Lambrix