Koopkracht beschermen
01/02
De Kern
Koning Albert bracht gisteren in zijn toespraak naar aanleiding van de jaarlijkse ontvangst van de gestelde lichamen lof aan eerste minister Elio Di Rupo omwille van diens zeer grote geduld, volharding en moed als formateur. Dat zorgde volgens de koning - we citeren - “uiteindelijk voor evenwichtige compromissen op zowel communautair als sociaaleconomisch vlak die aan de verwachtingen van een meerderheid van onze medeburgers tegemoet komen.” We willen dit niet uitsluiten, de toekomst zal het uitwijzen. Ondertussen is het wel zo dat de regering Di Rupo géén meerderheid heeft in Vlaanderen.
Nu goed, we willen hier vooral stilstaan bij de toespraak van Elio Di Rupo naar aanleiding van diezelfde ontvangst. Volgens de premier is dé prioriteit van zijn regering om de communautaire akkoorden zo snel mogelijk te laten stemmen. Voorts kondigde hij aan dat de regering bijkomende maatregelen gaat nemen om de overheidsfinanciën onder controle te houden, maar dat de regering er alles aan zal doen om de koopkracht van de mensen niet aan te tasten. We mogen hopen dat dit het geval zal zijn.
Het antwoord op de vraag waarom de premier en de regering woord moeten houden, kregen we gisteren van de Confederatie Bouw. De bouwsector heeft een goed jaar achter de rug. Dit jaar wordt het een stuk minder. De sector vreest voor een krimp met 5 procent. Dat heeft uiteraard van doen met de economische conjunctuur. Bedrijven en burgers aarzelen om te investeren. Maar het is ook een gevolg van regeringsmaatregelen zoals de afschaffing van de btw-stimulans voor nieuwbouw en de afschaffing van fiscale kortingen voor energiebesparende werken. Dat vermindert de koopkracht van de mensen.
De conclusie ligt dan ook voor de hand. De regering moet de overheidsfinanciën saneren. Ze moet er tegelijk voor zorgen dat de maatregelen die ze neemt de koopkracht van de mensen zo weinig mogelijk aantasten. Want wanneer consumptie en investeringen terugvallen, dan is dat slecht voor de economie. En dat is dan weer slecht voor de financiële inkomsten van de overheid.
De terugval in de bouw heeft ook te maken met de onzekerheid over de fiscale aftrek voor wie koopt, bouwt of verbouwt na de regionalisering van het woonbeleid. Die onzekerheid moet weggenomen worden. Dat kan enkel door het communautair akkoord zo snel mogelijk om te zetten in wetten. Dan weten de regio’s waar ze aan toe zijn en kunnen ze zich op hun beurt formeel engageren over maatregelen om de woningbouw fiscaal te stimuleren.
Eric Donckier