"Hoge olieprijs schuld van financiële sector"
16/07/'08
“Er zijn al veel
zondebokken aangeduid voor
de huidige hoge olieprijs. De
belangrijkste oorzaak is echter de
ongebreidelde handel in papieren
oliecontracten. Dat zorgt voor een
prijsspiraal naar boven, en prijzen
die geen voeling meer hebben met
de economische realiteit.”
Dat zegt professor Philip Vergauwen, decaan
van de faculteit Toegepaste Economische Wetenschappen
(TEW) aan de UHasselt, in een
gesprek met deze redactie.
“Er worden tal van oorzaken aangehaald om
de huidige hoge olieprijs te verklaren”, zegt
Vergauwen. Zo is er de stijgende vraag vanuit
de nieuwe economieën China, India, Brazilië en
Rusland. Of er wordt met een beschuldigende
vinger gewezen naar de regeringen, die met
accijnzen op brandstoffen de schatkist vullen.
Ook de OPEC-landen krijgen de wind van voor,
omdat ze zouden weigeren voldoende olie op
te pompen, om zo het “verketterde Westen”
een hak te zetten. Daarnaast wordt er gewezen
op de slinkende voorraden, of gebrek aan raffinagecapaciteit.
Zelfs de groene jongens worden
verdacht van overmatige regulering om alternatieve
energie te pushen. Dan is het weer de
lage dollar, waardoor de olieproducenten hun
inkomen zouden zien dalen.
Oliemaatschappijen
“Al die factoren kunnen voor een deel de enorme
prijsstijging verklaren. Het staat vast dat oliemaatschappijen
en -raffinaderijen (vooral als ze
verticaal geïntegreerd zijn) momenteel superwinsten
maken."
"Maar daar is eigenlijk niks mis
mee. Die bedrijven - multinationals - investeren
hun winsten in het zoeken naar nieuwe olievelden,
nieuwe technologieën en zelfs alternatieve
energievormen. Dat komt iedereen ten goede”,
zegt Vergauwen.
“Dé belangrijkste factor wordt gevormd door
de financiële markten. Er bestaat immers een
ongebreidelde handel in afgeleide financiële producten
(derivates zoals futures: recht op aankoop
in de toekomst tegen een vaste prijs). Die zijn
in feite bedoeld om oliecontracten in te dekken,
maar zijn een grote, speculatieve markt op zichzelf geworden."
"De grootbanken en hefboomfondsen
die deze markt beheersen, hebben er alle
belang bij dat de prijzen blijven stijgen. Het is
een spiraal die zichzelf voedt, maar geen voeling
meer heeft met de economische realiteit”, zegt
Vergauwen. “Op dit moment is 25 tot 40% van
de olieprijs het gevolg van deze derivatenmarkt.
Olie zal dan ook duur blijven.”
Wat kunnen we er aan doen?
“Ik pleit niet voor het verlagen van
accijnzen op de brandstofprijzen. Dat is toch
maar een pleister op een houten been. Bovendien
kunnen de overheden die inkomsten beter investeren
in alternatieve energie, infrastructuurwerken,
milieu en het financieren van de vergrijzing."
"De derivatenmarkten moeten wel gereguleerd
worden. De oliemarkt is één van de weinige waar
er nauwelijks regels bestaan. Futures moeten
gebruikt worden waarvoor ze dienen, namelijk
om contracten in te dekken. Momenteel wordt
80% van de futures in olie nooit uitgevoerd. Dat
zegt toch genoeg."
"Niet alleen de olieprijzen zijn
daar het slachtoffer van. Ook de prijzen van
andere grondstoffen lijden onder dit uit de hand
gelopen systeem.”