Dehaene: "Bedrijfsmodel Dexia niet bij voorbaat tot mislukken gedoemd"
21/11/'11
Economie
Dexiavoorzitter Jean-Luc Dehaene is van oordeel dat
het bedrijfsmodel van Dexia met een sterk verschillende Belgische
en Franse poot niet bij voorbaat tot mislukken gedoemd was, "op
voorwaarde dat je de productie hield binnen wat je redelijkerwijze kan
financieren en niet afweek van je oorspronkelijke opzet". Was dat
gebeurd, dan was Dexia volgens Dehaene zelfs "dicht bij het klassieke
bankieren" gebleven.
Dehaene zakte maandag voor een tweede keer af naar de bijzondere
Kamercommissie die zich over de Dexia-saga buigt. Twee weken geleden
kwam de commissie er wegens tijdsgebrek immers niet aan toe naast algemeen directeur
Pierre Mariani ook de oud-premier aan de tand te voelen.
Dehaene herhaalde meteen dat hij slechts verantwoordelijk is voor
het puinruimen na 2008, niet voor de "brandende ruïne" die hij toen
aantrof. Al ging hij er bij de start wel van uit dat de
kapitaalverhoging de toenmalige problemen had opgelost. Er was echter geen tijd
om de situatie grondig uit te pluizen toen de regering kwam
aankloppen, aldus Dehaene. "Ik heb toen misschien te veel mijn goed hart
laten zien en misschien ook de pretentie gehad dat ik dat kon".
Grote probleem bij Dexia was volgens Dehaene "de expansie op
wereldschaal zonder dat men daar de noodzakelijke financiering voor had".
Het gebrek aan interne controle maakte bovendien dat filialen als
FSA te veel risico's konden nemen, verduidelijkte hij.
Al hadden ook de toezichthouders dat moeten opmerken. Dat dit niet
gebeurde, is volgens Dehaene het gevolg van de "koudwatervrees om
tot echt Europees toezicht te komen voor internationale banken". Na
2008 is daar gedeeltelijk werk van gemaakt, maar volgens Dehaene
dringt een verdere integratie zich op.