Janssen Pharmaceutica betaalt monsterboete na commissies aan regime Saddam
20/04/'11
Economie
De groep Johnson & Johnson, eigenaar van het Antwerpse farmabedrijf Janssen Pharmaceutica, heeft op 8 april ingestemd met een boete van 70 miljoen dollar. Daarmee neemt de groep de verantwoordelijkheid op het feit dat het Belgische filiaal commissies heeft uitbetaald aan het regime van de Iraakse
dictator Saddam Hoessein, meldt Le Soir. "Het is geen schuldbekentenis. Maar het gaat om een belangrijke schikking
die vervolging in de toekomst uitsluit", klinkt het bij Janssen.
Janssen Pharmaceutica stond op een VN-lijst met 2.200 bedrijven die fraude of corruptie gepleegd hadden in het kader van het "Olie voor
voedsel"-programma. Janssen Pharmaceutica zou Iraakse ambtenaren smeergeld uitbetaald hebben. De facturen werden met 10 procent verhoogd, waarna de Iraki's het extra-bedrag onder de tafel toegeschoven
kregen. Dat gebeurde met de goedkeuring van een kaderlid van het bedrijf.
"Zelfs al wist de top van de groep niets af van de onregelmatigheden, hebben we er toch voor gekozen om de verantwoordelijkheid op te nemen voor de stortingen die door onze
handelsvertegenwoordiger werd gedaan", verklaarde de woordvoerder van Janssen.
"Geen smeergeld betaald"
Janssen Pharmaceutica ontkent dat het smeergeld heeft betaald in
Irak. "We leverden producten in Irak en op een bepaald moment is er de vraag gekomen om per transactie een commissie te betalen. Onze handelsvertegenwoordiger heeft dat gedaan, zoals een 2.000-tal
andere bedrijven in het land. Het geld ging naar de regering, er is geen sprake van corruptie of smeergeld", beklemtoonde woordvoerder Stefan Gijssels van Janssen Pharmaceutica.
Hij zei ook dat de
directie in België niet op de hoogte was van de commissies. "Dat gebeurde pas toen er een onderzoek werd gestart."
Door het betalen van de commissies overtrad moederbedrijf Johnson & Johnson wel het
"Olie voor voedsel"-programma van de VN. In de VS bestaat een Foreign Corrupt Practices Act (FCPA) die bepaalt dat als een bedrijf in het buitenland veroordeeld wordt voor corruptie, het ook in de VS een vergoeding moet betalen.
Volgens Gijssels gaat het niet zozeer om een boete, maar om een "disgorgement" of een soort van herstelbetaling.