De Mysteries van de Holsteen, een relaas van sagen en verhalen over Zonhoven
Halveweg
Ingestuurd door sylvain verbeeck
46. Bel van Waar van Djang en haar ontreddering (2)
“Wat Waar te horen kreeg tijdens het gesprek, was noch min, noch meer de bevestiging van wat hij als vader al wist. Maar in die mate dat hij nu besefte dat zijn dochter ongeneeslijk ziek was en dat - bij de aanvang van de 18e eeuw! - de medische wereld in de meeste gevallen machteloos stond en de vrije baan liet aan kwakzalvers, heksen en tovenaars, bijgeloof en zwendelpraktijken allerlei. De eerste stoommachine werd zonet gebouwd in Engeland, wist Waar, en Halley gaf zopas zijn naam aan één van de bekendste kometen, maar de medici wisten op dat ogenblik nog geen link te leggen tussen infecties en bijvoorbeeld elementaire hygiëne. Het zou nog duren tot en met de Verlichting dat de medische wetenschappers vooral theorieën ontwikkelden en hoogstens diagnoses zouden ontwerpen. Daarnaast waren de chirurgijns een gilde van praktiserende geneesheren en zeker niet academisch geschoold. Zij kregen hun opleiding vooral in de praktijk en stonden met beperkte middelen de zieke mens bij. Langzaam zou de medische wetenschap uitgroeien tot een samenhangend complex van zowel een onderzoekende als een praktische en onderwijzende discipline. Ook de Geheime Raad van de Gerosboldvennootschap was in dit opzicht niet veel verder gevorderd, maar gelukkig kende Waar van Djang een aantal “overdragers” van zijn jaarlijkse contacten op de zonnewendeontmoetingen, gelegenheden waarbij heel wat info overgedragen werd onder de leden.”
Grootva pauzeerde luidruchtig: hij schraapte zijn keel, hij poetste kloppend en schrapend zijn pijp, hij snuitte zijn neus luidruchtig en bijna dacht ik hem eraan te moeten herinneren dat hij voor een publiek stond, dermate staarde hij kuchend en puffend de rook na van zijn pas aangestoken pijpje: dit keer zijn lieveling, een zwarte Deense bruyère.
“Waar nam zonder dralen afscheid van zijn “vraagster” en vertrok dezelfde nacht nog richting Keulen. Hij volgde de Teutenroute die hem tot ver voorbij Maaseik zou brengen en na een paar uren slapen, tot ver over de grens tot vlak bij Keulen. Niet dat hij popelde om deze reis te ondernemen, want een gevaarlijkere route, die je bloot stelde aan rovers, galgenaas en dievenbendes, bestond er niet, maar veel keuze had Waar niet, wilde hij zijn dochter redden. Zijn doel was Keulen, waar hij een befaamde chirurgijn wilde treffen. Van hem was geweten dat hij een perfecte balans toepaste van Alexandrijnse en Arabische geneeskunde en wat meer was, en dat wist Waar als lid van de Geheime Raad van de Gerosboldvennootschap, dat hij ook een van de huidige generatieoverdragers was en dus, de geheimen van de Holsteen kende. Die gevierde chirurgijn wist toen reeds het aantal sterfgevallen door kraamvrouwenkoorts sterk terug te dringen door diegenen die zwangere vrouwen hielpen bij de bevalling aan te raden eerst hun handen goed te reinigen voor ze aan het werk gingen. Zijn bevindingen werden echter niet door de medische gemeenschap erkend totdat de Britse arts Joseph Lister, honderdvijftig jaar later in 1865 het principe van een antisepticum en het reinigen van wonden ontdekte. Daarnaast waren er rond 1700 nog andere groepen die zich, meestal onbevoegd maar oogluikend toegestaan, met delen van de geneeskunde bezighielden. Zij werden door de medische stand gedoogd omdat zij zich met de minder aantrekkelijke kanten van de geneeskunde bemoeiden: risicovolle operaties werden vaak door rondreizende operateurs gedaan. Ook het behandelen van vieze en besmettelijke ziekten werd aan beoefenaars in de marge van de geneeskunde overgelaten, zoals staarstekers, steen- en breuksnijders, pest-, pok- en breukmeesters, tandmeesters, kiezentrekkers, koppenzetters, piskijkers, keisnijders, kwakzalvers en beulen. Of die zieken en noodlijdenden omstreeks 1700 beter af waren met de zorg van een “medicinae doctor”, een beunhaas of een kwakzalver blijft intussen de vraag. Deze groepen verschilden toentertijd vooral in hun bevoegdheid tot de uitoefening van de geneeskunde. Oplichters en charlatans ontwaarde men in alle geledingen. Maar dit alles hield Waar van Djang weinig of niet in de ban, hij wilde enkel de uit Frankrijk uitgeweken docteur médecin Jacques Daviel zo snel mogelijk zien en spreken. Die man was namelijk een revolutie op zichzelf en opereerde bv. in zijn eentje in die tijd reeds cataract! Hij voerde die operatie vele honderden keren uit met goed resultaat omdat hij wist dat cataract een verharding van de ooglens inhield. Hij publiceerde zonder veel respons over hernia, hoofd- en hersenletsels, anale fistels, botbreuken en ontwrichtingen en hij beweerde als een van de eerste medici dat schoorsteenvegers aan testiskanker leden.”
(wordt vervolgd)
Meer nieuws uit Zonhoven
Ingestuurd door peter huveneers
FC Melo Zonhoven gaat naar de eindronde. Dit is verdiend na een heel seizoen goede inzet. Proficiat aan spelers en trainers!De Melopanters en supporters.FC Melo is ook op zoek naar spelers U15, U10 en U11. Ook zoeken wij trainers voor U15 en U9. …
Ingestuurd door sara quetin
De lente is eindelijk daar! De bijen zoemen in het rond en de bloemen staan in bloei.Een ideaal moment om te planten en te zaaien. In BS Windekind gingen de leerlingendan ook heel enthousiast aan de slag. In onze klastuintjes werd volop sla, …
Ingestuurd door Chretien Paesen
Terdonk
KWB Halveweg heeft een goed draaiende minivoetbalploeg. De spelers spliten zich op in twee ploegen, de een in het rood en en de andere ploeg draagt groene truitjes. In de sporthal van Ter Donk spelen ze al 35 jaar elke maandag. Sommigen waren …