Soroptimisten zorgen voor stromend water in Rwandese stad
26/08/'10
De 30.000 inwoners van het Rwandese Rususa zullen in november water hebben dankzij de steun van de Limburgse Soroptimisten en het zware graafwerk van het hele dorp. Zelfs de kinderen hebben met leidingen gezeuld. “Ze zijn daar al gestart voor het geld echt ter plaatse was”, zegt studentenpastor Karin Daniëls. Ze is pas terug van een bezoek aan Rususa.
Karin Daniëls, pastor voor de studenten in Hasselt en Diepenbeek, gaat al tien jaar elke zomer naar Rwanda, naar Nyundo, het zusterbisdom van het bisdom Hasselt. “Ik ga er met mensen praten over de genocide. Het is voor hen moeilijk om het er met elkaar over te hebben, want iedereen heeft veel familieleden verloren.
Jean-Baptiste Bugingo is sinds kort pastoor in Kuringen. Bugingo komt ook uit Rwanda. Hij is zelfs zijn hele familie kwijt, meer dan 90 mensen. “We werkten samen bij Missio in Kiewit en daar hoorde ik verhalen over Rwanda.”
Een paar jaar geleden werd Karin opgeroepen om in de heuvels van Rususa te assisteren bij een moeilijke bevalling. “Ik ben verpleegkundige van opleiding, vandaar. Ze hadden er wel een hospitaal, maar geen water. Dat moesten ze 6 uur verder gaan halen.”
Terug thuis geraakte Karin in contact met de Soroptimisten van Hasselt. Die zorgen voor geld voor plastic containers waarmee ze regenwater konden opvangen. “Daar was het ziekenhuis tijdens het regenseizoen al mee geholpen, maar de rest van het jaar niet. Ik heb dan een plaatselijke ingenieur gevraagd om een offerte te maken voor een waterleiding tot aan het dorp. Dat bleek 22.000 euro te kosten.”

Proper
Ook dat geld brachten de zes Limburgse afdelingen van de Soroptimisten in juni bij elkaar. “Toen ik in juli aankwam, hoopte ik dat ze al materiaal hadden gekocht. Je zal aangenaam verrast zijn, zei de bisschop toen we gingen kijken. Op weg ernaartoe, was ik inderdaad verrast. Er lag ineens een brede geasfalteerde weg. Er waren zelfs planten naast geplant tegen erosie. Ze zijn in Rwanda namelijk erg met het milieu bezig. Ze planten overal groen en ze hebben alle plastic zakjes verbannen. Alles is ook erg proper. Dat hebben ze daar in heel korte tijd klaar gekregen.”
Maar de echte verrassing wachtte even verderop. “De mensen van Rususa hadden al zelf een diepe sleuf gegraven. Met de hand, 10 km ver door de harde grond. Daar waren ze al in april mee begonnen. Na het werk op het veld, gingen ze allemaal helpen graven. Ook de waterbuizen waren ze al gaan halen nog voor het geld daar was. De leverancier had daar geen problemen mee.”
“Zelfs de kinderen werden ingeschakeld om de 10 meter lange buizen te dragen. Die van het eerste leerjaar droegen de buizen die het dichtstbij lagen en de grotere kinderen die voor verderop. En de oudere mensen die niet kunnen graven, stonden op zondag na de mis een deel van hun bonen- of bananenoogst af aan het project.
Ook de overheid heeft niet stilgezeten. Toen ze hoorden van het waterproject, hebben ze voor elektriciteit gezorgd. En voor de weg. Vroeger moesten ze 6 uur stappen alvorens ze aan een bron kwamen en binnenkort hebben ze water in het dorp zelf. Dan is het in het slechtste geval 30 minuten wandelen.
Ze moeten nog waterkamers aanleggen waar mensen dan aan een kraan hun vaatjes kunnen vullen. En het water moet nog de heuvel op worden gestuwd. Hopelijk is daar geen pomp voor nodig, want dat zou weer extra geld kosten.”
Koffiekopje
De waterleiding zal ook het leven van de kinderen drastisch veranderen. “Nu komen ze te laat op school, omdat ze ‘s morgens water moeten halen. Eens de leiding er ligt, zullen ze dus gewoon naar school kunnen.” Wat het leven zonder water is, heeft Karin zelf ondervonden.
“Als ik daar logeer, moet ik me wassen met een koffiekopje water per dag”, lacht ze.