"Maaseik dreigt een spookstad te worden"
Te huur, te huur en nog eens te huur. De opvallende reclamebordjes aan de winkeletalages op de Maaseikse Bosstraat laten weinig aan de verbeelding over. De schappen blijven onaangeroerd, de belangrijkste winkelstraat van Maaseik loopt leeg.Hoe kon het zo ver komen? En vooral: wat doe je eraan in putje crisis?
Op een doordeweekse dag op de Bosstraat, net voor de jaarwisseling: terwijl we met enkele winkeliers een praatje slaan, komen er op een uur tijd amper twee klanten binnen. Dat er de laatste maanden veel winkels hun deuren moesten sluiten, doet als een lopend vuurtje de ronde in de buurt. De uitbaters willen er ook liever niet te veel over kwijt. Bang dat onheilspellende berichten het nog overgebleven cliënteel ook thuis zullen houden.
Een van de schaarse klanten die we tegen het lijf lopen, denkt er het hare van. "Het is rampzalig", zegt Sonja Wijnen. "Ik kom eigenlijk amper nog naar de Bosstraat. En dat terwijl ik maar een paar honderd meter van hier woon." De geboren en getogen Maaseikse ziet het met lede ogen aan. "Als ik hier toch nog eens voorbij wandel, valt het mij vooral op dat er steeds meer winkels dicht zijn."
"Kloosterbempden en de Bosstraat moesten elkaar versterken, maar het aanbod is te veel van hetzelfde."
Bijna twintig panden wachten zo op een nieuwe huurder, en Maaseik is helaas geen alleenstaand geval.
Even verderop, aan de rand van de stad, ligt sinds enkele jaren het winkelcentrum Kloosterbempden. Een JBC, de Hema, een vestiging van de Bart Smit, .... Eigenlijk alles wat een winkelstraat in een kleine stad als Maaseik nodig heeft. Maar de klanten van Kloosterbempden trekken niet massaal de binnenstad in na hun bezoek. Nochtans was dat waar de stad zelf op had gehoopt toen beslist werd dat Maaseik een eigen winkelcentrum moest krijgen. De Bosstraat en het nieuwe winkelcentrum zouden communicerende vaten worden. Elkaar versterken.
"Maar het is duidelijk dat dat niet gelukt is", zegt Sonja. "Integendeel, Maaseik dreigt een spookstad te worden. En de winkels die er nog zijn, zijn amper nog de moeite waard om naar hier te wandelen. Het aanbod is te veel van hetzelfde, op Kloosterbempden liggen de Blokker en de Leen Bakker naast elkaar, terwijl er amper nog een betaalbare schoenenwinkel is. En als zelfs die basisvoorzieninigen verdwijnen, tja. Dan ga ik liever in Bree winkelen."
Bree? We fronsen even onze wenkbrauwen. Een stad die nog stuk kleiner is dan Maaseik. Waar zit het verschil dan, vragen we ons af. Moet de trotse Maaseikenaar naar een kleinere buur voor zelfs een basisproduct als schoenen? "In Bree kun je veel vinden", legt Sonja uit. "Het aanbod daar is wel uitgebreid. En wat handig is: je vindt er winkels in alle prijsklassen, tenzij je in Maaseik moet kiezen tussen de Zeeman of een boetiek."
Klinkt als een logische verklaring, maar ook in Bree zijn er shoppingcentra op een aardig eindje wandelen van het stadscentrum. En toch loopt de binnenstad daar niet leeg. Nadine Hellings, de zaakvoerster van kledingwinkel B&L, denkt te weten waarom. Ze heeft zowel in Maaseik als in Bree winkel. "Toen we een aantal jaar geleden in Bree een winkel startten, verklaarden de mensen ons gek. 'In Bree? Daar is toch niets te doen?' Maar ondertussen lopen de zaken daar wel beter. In Bree voel je dat het stadsbestuur meer met de handelaars overlegt. Dat gevoel heb ik hier in Maaseik niet. De stad profileert zich wel met tentoonstellingen, maar dat Maaseik van oudsher een commerciële stad is, wordt precies vergeten."
"De huurprijzen in Maaseik zijn bijna even hoog als in Hasselt."
Maar volgens Nadine is er nog een groter probleem: de astronomisch hoge huurprijzen op de Bosstraat. "Bedragen tot 3.000 euro per maand zijn geen uitzondering. Dat is bijna even hoog als in Hasselt, maar Maaseik is Hasselt niet. Gelukkig is dit pand hier mijn eigendom, het resultaat van dertig jaar werk."
Maar dat de huurprijzen veel kelen dichtknijpen, ondervond ook Nadine van heel dichtbij. "Tot voor kort had ik hier op de Bosstraat nog een tweede winkel. Een boetiek met een iets jeugdiger assortiment. Maar de hoge huur maakte het gewoon niet rendabel meer. Ik ben toen met mijn verhuurder gaan praten, of hij toch maar iets van zijn prijs wilde afdoen. Tevergeefs."
De verontwaardiging valt nog altijd van haar gezicht af te lezen. "Ik begrijp dat niet", zegt ze. "Je kunt toch beter de prijs wat laten zakken, dan het pand leeg te laten staan?"
Het doet een mens nadenken. Zeker als het probleem akelig tastbaar wordt: bij groenten- en fruitwinkel Verlaak staat een vrachtwagen voor de deur. De laatste vrachtwagen. Tachtig jaar lang was Verlaak een begrip op de Bosstraat. Nu worden de laatste restjes diepvriessoep op paletten geladen. Er heerst een begrafenissfeer. Zaakvoerder Jacky Verlaak wil er liever niet meer over praten. "De mensen hier hebben schrik gekregen", zegt hij. "Schrik, nu ze weten dat zelfs iemand als ik de boeken moet dicht doen."
Jacky STIJVEN/Timmie VAN DIEPEN