Piramide van Cheops ontsnapte twee eeuwen geleden aan afbraak

Print
De piramide van Cheops, de grootste van Egypte en een van de laatste wereldwonderen, werd twee eeuwen geleden bijna afgebroken. De stenen van het bouwwerk konden dienen voor de bouw van een stuwdam op de Nijl.
De krant Al Ahram heeft dinsdag onuitgegeven documenten gepubliceerd over de geschiedenis van de irrigatie in Egypte. Daaruit blijkt dat Mehemet Ali, die in 1805 werd aangeduid als gouverneur van Egypte, beslist had dat de piramide moest worden ontmanteld. Ali wordt beschouwd als de stichter van het moderne Egypte. Hij was de grondlegger van modernisatieprojecten in het vervoer, onderwijs, landbouw en stedenbouwkunde.
Volgens de historische documenten had Mehemet Ali aan een Franse ingenieur gevraagd om een stuwdam op de Nijl te bouwen en daarvoor de grote stenen van de piramide van Cheops te gebruiken. Met een hoogte van 147 meter was die piramide tot de 19de eeuw het hoogste monument. Ze werd opgetrokken voor farao Cheops. Vandaag is het bouwwerk nog steeds een van de belangrijkste toeristische trekpleisters van Egypte.