Stafhouders betreuren "extreme mediatisering" proces

Print
De stafhouders van Aarlen, Antwerpen, Brussel, Charleroi, Hasselt, Nijvel, Bergen en Doornik, die bevoegd zijn voor de advocaten betrokken bij het proces-Dutroux, betreuren de "buitensporige mediatisering" rond de assisenzaak. Dat zeggen ze donderdag in een gezamenlijke persmededeling.
De stafhouders benadrukken het recht op informatie van de burgers, de informatieplicht van de media en de vrijheid van uitdrukking van de advocaten, maar halen toch enkele bijzonderheden aan, "die de sereniteit van het gerechtelijk debat ten goede zouden komen".

Zo stellen ze dat iedereen het recht heeft om op een rechtvaardige manier door een onafhankelijke en onpartijdige rechtbank gehoord te worden, terwijl het debat terzake binnen de gerechtsmuren moet worden gevoerd. De stafhouders zeggen verbaasd te zijn over "een aantal initiatieven in de media naar aanleiding van het proces en de berichtgeving in de maanden ervoor. Zo zijn ze niet te spreken over het feit dat volledige delen uit het onderzoeksdossier in de weken voor het proces in veel media uitgebreid zijn becommentarieerd. "In het belang van de verdediging van hun cliënten, moeten de advocaten zich terughoudend en waardig gedragen", vinden de stafhouders. "Iedereen die in de loop van het proces een betoog moet houden, moet vermijden dat het gerechtelijk debat buiten de rechtszaal wordt gevoerd", luidt het nog.

Naar de advocaten van de verschillende partijen op het proces-Dutroux hebben de stafhouders een brief gestuurd met hun bevindingen en aanbevelingen.