Niet zonnepanelen, maar vervuilende houtkachels zijn onze grootste bron van hernieuwbare energie

Print
Niet zonnepanelen, maar vervuilende houtkachels zijn onze grootste bron van hernieuwbare energie

Foto: Joris Herregods

Niet zonnepanelen of windmolens maar wel hout- en pelletkachels zijn de grootste bronnen van hernieuwbare energie in Vlaanderen. In 2016 kwam iets meer dan 22 procent van de hernieuwbare energie uit houtverbranding, maar dat is eigenlijk het meest vervuilend van allemaal. Dat schrijft VRT Nieuws woensdag.

Bij hernieuwbare energie denken mensen vooral aan zonnepanelen en windmolens, maar die zijn eigenlijk maar goed voor respectievelijk 12,54 procent en 9,4 procent van de groene energieproductie in Vlaanderen.

De afvalverbrandingsinstallaties, die restafval omzetten in warmte, leverden in 2016 bijna 19 procent van de hernieuwbare energie en staan op plaats twee. De hout- en pelletkachels spannen dus de kroon met 22,06 procent, blijkt uit cijfers van de Vlaamse overheid.

Houtverbranding is nochtans erg vervuilend. Een pelletkachel mag tot drie keer meer fijn stof uitstoten dan een steenkoolcentrale, een open haard zelfs 30 keer meer. Toch beschouwt Europa ze als een bron van hernieuwbare energie. Overheden mogen ze dus opnemen in hun groene energiedoelstellingen.

“Houtkachels blijven meetellen in energiedoelstellingen”

Niet zonnepanelen, maar vervuilende houtkachels zijn onze grootste bron van hernieuwbare energie
Bart Tommelein Foto: Guy Puttemans

Vlaams minister van Energie Bart Tommelein (Open Vld) bevestigt in De Ochtend op Radio 1. "Wij zetten in op zonnepanelen en windenergie, iedereen weet dat, maar die houtkachels mogen wel meegeteld worden."

De minister is niet van plan om de hernieuwbare energie uit houtkachels nu uit de cijfers te halen, of de kachels te verbieden. "Als ik die kachels kan veranderen door schonere vormen van energie, dan zal ik dat met veel plezier doen. Maar je kan van mij niet vragen dat ik zaken die ik van Europa mag meenemen, eruitlaat, om dan op het einde van de rit mijn doelstellingen niet te halen en een fikse boete te krijgen."

De minister benadrukt wel dat er op lange termijn gewerkt wordt aan een schonere energiemix, en dat andere energiebronnen zoals zon en wind stelselmatig toenemen. "Rome is ook niet in één nacht gebouwd."

Ons land scoort niet goed

In de hele EU moet tegen 2020 20 procent van de energie hernieuwbaar zijn, in 2030 moet dat naar 27 procent. Ons land had in 2016 het op drie na laagste percentage hernieuwbare energie in de Europese Unie: 8,7 procent, blijkt uit cijfers van Eurostat. Tegen 2020 moet dat 13 procent worden