Gameverslaving is nu ook een ziekte: “Tot 12 uur per dag was ik aan het gamen”

Print

De beslissing van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) om een gameverslaving - “gaming disorder” - te erkennen als ziekte, lokt gemengde reacties uit. Gamers moedigen het aan, terwijl onderzoekers van de UGent erg kritisch zijn.

Een onderzoek van de KU Leuven heeft uitgewezen dat 3 procent van de 12- tot 17-jarigen een problematische gamer is. De 20-jarige student Jens Mertens was iemand die tot twee jaar geleden zijn vrije tijd vulde met niets dan gamen.

“Ik kwam thuis van school en at toen soms al aan de computer”, getuigt hij bij VTM Nieuws. “Een zestal uur per dag was ik dan aan het gamen. In het weekend gamede ik dan 9 tot 12 uur per dag. De hele dag ongeveer, alles moest wijken.”

Jens zocht geen professionele hulp, maar wel nieuwe hobby’s. Zo wist hij zijn verslaving onder controle te krijgen. “Veel jongeren lijden eraan en beseffen niet dat het een ziekte is. Het kan voor velen een oplossing bieden.”

Door de extra aandacht voor het probleem - en nu dus de ziekte - kunnen onderzoekers nauwer bepalen wie al dan niet verslaafd is en hulp nodig heeft. Bij de UGent zijn onderzoekers tegen de erkenning. Zij vinden dat er nog te weinig geweten is over gameverslaving om van een echte ziekte te kunnen spreken.