Fred Brouwers vertelt Neos meer over klassieke muziek in onze maatschappij

Print
Fred Brouwers vertelt Neos meer over klassieke muziek in onze maatschappij

Foto: Hélène Vissers

Lommel - Zopas volgden 28 leden van Neos een uiteenzetting van Fred Brouwers over de interactie tussen klassieke muziek en onze maatschappij. Omdat ze allemaal vinden dat muziek maken vooral plezant is voor de muzikanten, vragen vele mensen zich af wat de muzikanten dan doen als beroep.

Zoals in alle beroepen, zijn er ook in de muziekwereld grote verdieners en kleine verdieners. En niet alleen de muzikanten verdienen hiermee hun inkomen. Fred legde de Neos-leden op een heel overzichtelijke manier uit dat de omkadering alleen al aan vele mensen werkgelegenheid biedt. Dat gaat van het drukken van de tickets en posters, de suppoosten bij de inkom, de mensen die tijdens de pauze drank voorzien, de schoonmakers achteraf, de omliggende restaurants die ook een graantje meepikken en de organisatoren zelf mogen we niet vergeten. Fred haalde het voorbeeld aan van de Bozar in Brussel, waar 230 mensen in vaste dienst tewerkgesteld worden die bezig zijn met de muziek zelf. Dat gaat van de programmator, de communicatiecel, het ophalen van muzikanten, de financiële cel en de dramaturg tot de pure administratie.

En dan zijn er nog de muzikanten zelf. Een symfonisch orkest telt al gauw 100 muzikanten, honderden opgeleide professionelen werkzaam in de vele muziekacademies. Ook de instrumenten moeten door iemand gemaakt worden. Daar zijn wereldwijd zo'n 10.000 mensen mee bezig (in Vlaanderen is dit natuurlijk een kleinschalige industrie zoals Maene die oudere piano’s van grootmeesters namaakt). Verder is er de kledingindustrie, meubilair en drukken van partituren door de uitgever. In de opera is deze laatste categorie een stuk duurder omwille van de kostumering, kapsters, bouwers decor en belichting die tegenwoordig wel computergestuurd is.

Dan rijst natuurlijk de vraag: wie zal dat allemaal betalen? Het grootste deel wordt gesubsidieerd (in West-Europa is dat 85%, in USA en GB wordt hiervoor slechts 15% voorzien), maar de subsidies zijn niet voldoende om in alle kosten te voorzien. Zo zijn er nog de prijzen van de tickets (bij ons 1/2 tot 1/3 van de prijs in Londen) en sponsoring, maar dit is afhankelijk van de tijd. Fred haalt als voorbeeld Beethoven aan. Hij verkocht bijvoorbeeld concerten aan de uitgever, schreef op bestelling of richtte zelf concerten in. Dikwijls werd ook de naam van de sponsor in titel van concert vernoemd. De platenindustrie is ook een belangrijke factor, maar vooral de grote firma’s kregen zware klappen te verduren. Jongere muzikanten nemen zelf cd's op via eigen platenfirma en verkopen hun cd's na hun concerten. Dan zijn er ook nog de muziekwedstrijden - te veel volgens Fred - zoasl bijvoorbeeld de Elisabethwedstrijd, waarmee contsant tien mensen bezig zijn.

Fred concludeert dat luisteren en genieten  van de muziek het belangrijkste is, maar dat we ook moeten beseffen dat er vele organisaties nodig zijn die hiervoor zorgen. Muziek is echter niet alleen tijdverdrijf en amusement, maar bepaalde muziek kan je ook uit een depressie halen of in een sfeer brengen waarbij je je zorgen vergeet en je zelfs troost vindt.

Na een tasje koffie met een lekker gebakje werden vragen gesteld. Wanneer er voor de eerste maal muziek gecomponeerd werd? In de 8ste en 9 de eeuw. Waarom er zo weinig interesse is in klassieke muziek? Volgens Fred zou er slechts 5% van de luisteraars naar radio Klara luisteren. Over het componeren van film- en musical muziek is Fred ervan overtuigd dat als de bekende componisten van het verleden nu nog zouden leven, ze zeker ook deze muziek zouden schrijven. Het was een duidelijke leerzame uiteenzetting.

 

Immo

Auto's in de kijker

Jobs in de regio