Een op vijf gezinnen leeft in energiearmoede

Print
Een op vijf gezinnen leeft in energiearmoede

Foto: An Nelissen

Ongeveer een vijfde van de gezinnen in België leeft in energiearmoede. Dat blijkt uit de recentste barometer van het Platform tegen Energiearmoede, dat zich baseert op cijfers van 2015. Dat aandeel blijft daarmee stabiel. “Toch is er geen reden tot juichen. Vooral alleenstaanden en eenoudergezinnen blijven het erg moeilijk hebben”, luidt het.

De energiearmoede wordt opgedeeld in drie categorieën. Zo moet 14,5 procent van de gezinnen een te groot deel van het beschikbare inkomen spenderen aan de energiefactuur, de zogenaamde “gemeten energiearmoede”. Daarnaast verbruiken 3,9 procent van de gezinnen te weinig energie om in de basisbehoeften te kunnen voorzien, wat de “verborgen energiearmoede” wordt genoemd. Tot slot is er nog de “subjectieve energiearmoede”: 5,1 procent van de gezinnen vreest dat ze hun woning niet behoorlijk kunnen verwarmen.

Globaal werd volgens de Energiebarometer 21 procent van de gezinnen getroffen door minstens een van de drie vormen van energiearmoede. “Daarmee bleef het aantal gezinnen in energiearmoede in 2015 ongeveer stabiel”, luidt het. Maar alleenstaanden en eenoudergezinnen, voor het grootste deel vrouwen, lopen een veel groter risico op energiearmoede.

“Complexe energiefacturen bezorgen kwetsbare huishoudens bijkomende hoofdbrekens. Bij betalingsachterstand is het vaak onduidelijk welke schulden er nog zijn. De al dan niet toepassing van het sociaal tarief wordt zelden vermeld. En de complexiteit maakt het moeilijk om de prijzen van de verschillende leveranciers te vergelijken, en zo kosten te besparen”, klaagt het Platform tegen Energiearmoede aan, dat wordt beheerd door de Koning Boudewijnstichting.

Het platform formuleert daarom een reeks vereenvoudigingsvoorstellen voor een duidelijkere energiefactuur. Het werkte ook drie modelfacturen uit. “Deze modellen worden momenteel getest in de verschillende gewesten bij een tiental organisaties, waaronder de OCMW-federaties, de verenigingen voor armoedebestrijding en de organisaties die energieadvies en -ondersteuning geven aan verbruikers.” De resultaten daarvan zijn gepland voor eind maart.