Eindigen
16/07/'10
Aflevering nr. 1076 - Bij elk bezoek aan Antibes - de oude havenstad in het zuiden
van Frankrijk - neem ik telkens opnieuw foto’s van dezelfde
straten, huizen en pleinen. Een van m’n jaarlijkse kiekjes is een
waarschuwingsbord op de stadswal, van een ventje dat door
verstrooidheid van de muur in de Middellandse Zee valt. Geen
goede manier voor een mens om aan zijn einde te komen.
* * *
Antibes is altijd een trekpleister geweest voor schrijvers en
kunstenaars. Pablo Picasso, Georges Braque, Graham Greene,
Jules Verne en Ernst Jünger woonden in Antibes. Het jazzfestival
van Antibes lokte jazzgroten zoals Charlie Parker, Dizzie
Gillespie, Miles Davis en John Coltrane.
* * *
Een kunst die ik nog altijd niet onder de knie heb, is die van
het beëindigen van een boek. Al te vaak wordt mijn aandacht
afgeleid - door iets dringends, werk, of slaap - net als ik in
het laatste hoofdstuk zit. Na alle leesinspanningen van de
voorafgaande dagen, soms weken, kan ik niet wachten om te
weten te komen hoe het verhaal afloopt, maar moet ik het boek
dan noodgedwongen wegleggen. Als ik er later naar terugkeer,
ben ik helemaal uit de sfeer van het boek. Het lezen van de
ontknoping valt dan best wel eens tegen omdat de emotionele
band met het boek gebroken is.
De kunst van het beëindigen van een boek valt eigenlijk een
beetje te vergelijken met samen klaarkomen - als de climax van
het verhaal niet samenvalt met die van jouw leesgenot, blijf je
op je honger zitten...
* * *
In Antibes zag ik de finale Spanje/Nederland - het einde van
het wereldkampioenschap voetbal. Wat me vooral bijblijft
van het kampioenschap in Zuid-Afrika is het getoeter van de
vuvuzela’s - een geluid dat ik waarschijnlijk nooit meer uit mijn
auditief geheugen zal kunnen krijgen.
Voor de laatste match hoopte ik dat de Nederlanders zouden
winnen, maar toen ik zag hoe de ploeg van Oranje de ene
gele kaart na de andere verzamelde, begon ik voor Spanje te
supporteren.
Op de Franse tv was ‘Paul le poulpe’ de held van de dag - de
Duitse octopus had alle winnaars van de wereldbekerwedstrijden
geraden. Ook voor de finale had Paul juist gekozen.
De wereldbeker voetbal zat er op. De vuvuzela’s zwegen
eindelijk.
* * *
Op het internet volg ik al enkele maanden lang de blog van een
fotograaf die lenzen en fototoestellen bespreekt. De Amerikaan
Steve Huff uit Arizona heeft het meestal over fotomateriaal
van het legendarische Duitse merk Leica en is altijd laaiend
enthousiast als er iets nieuws in de fabrieken van Solms geproduceerd
wordt. Om de kwaliteit van de lenzen te illustreren,
neemt hij altijd kiekjes van zijn huis en tuin, en van zijn zoon
Brandon en vrouw Mina.
Een week geleden plaatste Steve Huff een nieuwe aflevering
op de website www.stevehuffphoto.com, onder de titel: ‘The
End’. Wat ik uit de emotionele tekst kon opmaken was dat
zijn vrouw Mina hem had verlaten. De man was overstuur
en vroeg zijn lezerspubliek om geduld te oefenen omdat hij
door de moeilijke persoonlijke omstandigheden voorlopig geen besprekingen meer op de site kon plaatsen. Tientallen
reacties op zijn ontboezeming stroomden vanuit elke hoek van
de wereld op zijn blog-site binnen. Ik stuurde ook een woordje
om hem een hart onder de riem te steken.
Enkele dagen later verscheen verrassend genoeg toch een
nieuwe bijdrage van Steve, en nog wel vanuit Kroatië. Bleek
dat de zanger Seal ook een trouwe lezer is van de blog van
Steve. Hij nodigde de blogger uit om hem te vergezellen op
zijn tour door Europa, zodat de man zijn gedachten wat kon
verzetten.
Het viel me op dat Huff ondertussen de bijdrage over het
vertrek van zijn vrouw - ‘The End’ - van zijn website had
verwijderd.
* * *
Het was niet de eerste keer dat ik in Antibes op een huis op
de stadswal de gedenkplaat zag hangen met daarop de naam
van een bekende oud-bewoner, de schilder Nicolas de Staël
(1914-1955). Ik kende de naam ‘Staël’ van ‘Madame de Staël’
(1766-1817), de schrijfster vooral bekend van haar literair salon
in Parijs. De naam van de schilder zei me niets.
Van het internet leerde ik dat hij van Russische komaf was, zoon
van baron Vladimir Staël von Holstein, laatste vice-gouverneur
van de Petrus en Paulusvesting in Sint-Petersburg. In 1919
vluchtte de familie naar Polen. Na het overlijden van zijn vader
en stiefmoeder werd Nicolas naar zijn oudere zus in Brussel gestuurd.
Aan de Brusselse academie studeerde hij schilderkunst.
Van 1939 tot 1941 was hij in dienst bij het Franse Vreemdelingenlegioen. Daarna verhuisde hij naar Nice, schilderde zijn
eerste abstracte doeken en stelde tentoon. Ondanks het goed
onthaal en de vriendschappen met belangrijke schilders zoals
Georges Braque, leefde hij in benarde omstandigheden. Zijn
echtgenote stierf in 1946 door ondervoeding.
In de daarop volgende jaren brak de schilder door op de internationale
kunstscène. Hij stelde tentoon in New York en zijn
schilderijen werden verkocht voor belangrijke bedragen. In
1954 verhuisde hij naar Antibes en begon opnieuw figuratieve
doeken te schilderen. Hij had gehoopt dat het zonnige zuiden
gunstig zou zijn om van een zware depressie te herstellen. Na
een pijnlijke ontmoeting met een kunstcriticus, stapte hij op 16
maart 1955 van het dakterras van zijn huis op de stadswal in
Antibes. Hij was amper 41 jaar oud. Geen goede manier voor
een mens om aan zijn einde te komen.
* * *
Enkele dagen geleden nam ik opnieuw een kiekje van het
waarschuwingsbord op de stadswal in Antibes, van het ventje
dat van de muur valt en zo aan zijn einde komt. Het bordje
stond onder het huis van de Staël...
Er hingen graffiti op het waarschuwingsbord - over de bankencrisis.
In het woord ‘danger’ was de letter ‘d’ weggekrabt. ‘Anger’
stond er nu. Woede gericht tegen de verantwoordelijken voor
de crisis. En voor mij ook ‘anger’ omdat een jong en beloftevol
kunstenaar zo aan zijn einde kwam.
Good luck en tot ziens.
Dr. Frans BAERT